Je ontmoet iemand en je voelt een klik. Je leert de andere beter kennen en realiseert je dat je weet wat hij of zij voelt en denkt. En dat het allemaal wederzijds is. Dan, zo zegt men, heb je “de ware” ontmoet. Dan is er sprake van “echte liefde”. En dan trouw je. Want trouwen, dat doe je niet voor geld of sociale status. Trouwen doe je enkel voor de echte liefde.

Voor de meeste mensen is dit de normaalste zaak van de wereld. Toch is dit idee van romantische liefde een relatief recent fenomeen.

De geschiedenis van het huwelijk

Betreffende de oorsprong van het huwelijk zeggen sommigen dat dit instituut is ontstaan zodat vrouwen beschermd konden worden. Anderen zeggen dat het huwelijk is ontstaan zodat vrouwen op legale wijze, zonder dat dit door de gemeenschap als misdaad zou worden gezien, uitgebuit konden worden. Weer anderen zeggen dat het huwelijk is ontstaan zodat relaties tussen families gebouwd konden worden, waardoor samenlevingen konden ontstaan waarin mensen elkaar steunden, hielpen en beschermden.1

De laatste verklaring is meest waarschijnlijk de juiste omdat deze verklaard waarom het huwelijk door de geschiedenis heen een instrument is geweest om rijkdom en politieke macht te vergaren, danwel te beschermen. De mensen in de oudheid ervoeren waarschijnlijk wel romantische liefde, maar het was voor hen enkel niet een reden om in het huwelijk traden.

De oude Grieken keken bijvoorbeeld neer op romantische liefde. Plato definieerde de romantische liefde, eros in het oud-Grieks, als “een gepassioneerd verlangen naar het bezitten van het goede, het mooie”. In de visie van Plato zijn er verschillende dingen waarvoor een man deze emotie kan voelen. Mannen van laag niveau voelen romantische liefde voor de uiterlijke schoonheid van een andere man, zei hij. Mannen van een hoger niveau voelen romantische liefde voor de ziel van de andere man, oftewel zijn moraal. Van weer een hoger niveau is de man die romantische liefde voelt voor nobele activiteiten. En van het hoogste niveau is de man die romantische liefde voelt voor kennis.2 Deze visie op liefde maakt duidelijk dat volgens de oude Grieken het huwelijk tussen man en vrouw niets met romantische liefde van doen had, omdat eros is hun visie een emotie tussen mannen is. Het huwelijk tussen man en vrouw was volgens Plato enkel om kinderen voort te brengen. Hij stelde daarom voor om het huwelijk radicaal te hervormen door de staat verantwoordelijk te maken voor het samenbrengen van mannen en vrouwen: de staat zou moeten bepalen welke man met welke vrouw trouwt, zodat het huwelijk de juiste eigenschappen bij elkaar brengt en de beste kinderen geboren doet worden.3

Aristoteles stelde een meer beperkte rol van de staat voor. Volgens hem zouden mensen wel zelf moeten mogen beslissen met wie ze trouwen, maar onder beperking van wetten opgesteld door de staat. De staat moet volgens Aristoteles wetten ten uitvoer brengen die ervoor zorgen dat de juiste kinderen geboren worden en op de juiste manier opgevoed worden door de vader en de moeder en er zo voor zorgen dat de juiste mannen met de juiste vrouwen trouwen, op de juiste leeftijd, enzovoorts.4

Plato en Aristoteles waren het er dus over eens dat dat het huwelijk niet op romantische liefde gebaseerd moet zijn. Het huwelijk moet ervoor zorgen dat kinderen geboren worden en juist opgevoed worden, zeiden zij beiden, en dus gebaseerd worden op praktische overwegingen en niet op emotie.

In het Europa van de Middeleeuwen was het dominante idee, geformuleerd door kerkelijke filosofen zoals Augustinus van Hippo en Thomas van Acquinas, dat de mens in dienst van God hoort te leven. Dientengevolge geloofde men in deze periode dat de mens niet zijn emotionele verlangens naar aardse zaken na hoort te jagen, maar hoort te werken om de tevredenheid van God te verdienen.

In de visie van Middeleeuws Europa was het huwelijk daarom in principe zondig. Het kernidee van deze tijd was namelijk dat de mens God lief hoort te hebben, naar Hem dient te verlangen en Hem volledig trouw te zijn. Deze emoties hoorde de mens dus niet te voelen voor een ander mens. De kerkelijke filosofen erkenden echter dat niet ieder mens in staat is zich zo compleet over te geven aan God – feitelijk, te leven als een monnik of non. Het huwelijk tussen man en vrouw was daarom volgens hen een “mindere zonde”: niet trouwen en dan toch een relatie hebben met het andere geslacht werd gezien als nog erger dan trouwen, en daarom accepteerden de katholieke kerk het huwelijk uit noodzaak. Het werd toegestaan als de “mindere van twee kwaden”. Het huwelijk was in Middeleeuws Europa dus niet een bekroning van de romantische liefde die twee mensen voor elkaar voelen. Integendeel, op deze emotie werd neergekeken. De katholieke kerk zag romantische liefde zelfs als een vorm van afgoderij, oftewel als een emotie die te allen tijde voorkomen moest worden, ook binnen het huwelijk.5 Het resultaat van deze visie was dat de mensen hun huwelijkse partner niet kozen vanwege gevoelens van romantische liefde, maar voor andere redenen zoals het vergaren of het behouden van rijkdom en macht.

In de 11e eeuw naar christelijke jaartelling kwam in Frankrijk een traditie op die de katholieke visie op romantische liefde bestreed. Onder invloed van Arabische poëzie en de wijdere Arabische cultuur6 begonnen dichters, troubadours, in Frankrijk te verhalen over ridders die romantische liefde voelden voor een voor hen onbereikbare vrouw, zoals de echtgenote of dochter van een nobelman. In deze literaire traditie, Hoofse Liefde genoemd, wordt niet neergekeken op de romantische liefde. De ridder probeert zijn romantische liefde te tonen door heldendaden te verrichten voor zijn geliefde, waarna zij haar liefde kan tonen door een blijk van attentie. De populariteit van deze verhalen zorgde ervoor dat romantische liefde als respectabel, zelfs eerbiedwaardig gezien werd door de mensen. Het zorgde er echter niet voor dat romantische liefde geaccepteerd werd als een reden voor het huwelijk. Het huwelijk bleef gebaseerd op economische en politieke belangen. Romantische liefde hoorde men te voelen voor iemand met wie men niet getrouwd was.7

Het waren de Protestanten in Engeland en het noordwesten van Europa die vanaf de 16e eeuw naar christelijke jaartelling romantische liefde tot een reden voor het huwelijk maakten. Zij verzetten zich tegen het katholiek christelijke idee dat het huwelijk enkel een bescherming tegen zonde en een instrument voor voortplanting was. Ze kwamen met een ander begrip van de bijbel en wezen op het feit dat deze zegt dat God voor Adam een echtgenote – Eva – heeft geschapen, daarbij heeft gezegd dat Hij dit deed zodat Adam niet alleen zijn zou zijn maar een partner zou hebben, en dat dit alles plaatsgevonden heeft voor de val van Adam en Eva uit het Paradijs. De protestanten concludeerden hieruit dat het huwelijk goed is, dus niet “de mindere van twee kwaden” zoals de katholieke kerk zei, en dat liefde het fundament onder het huwelijk moet zijn. Dit betekende in de praktijk nog niet dat mensen met elkaar trouwden omdat ze van elkaar hielden. De meeste huwelijken bleven gesloten voor financiële en politieke redenen. Maar eenmaal getrouwd mochten man en vrouw nu van elkaar houden en werden zij zelfs aangespoord om te doen wat de liefde zou doen aanwakkeren.8

Het idee dat zegt dat romantische liefde de reden moet zijn voor een huwelijk kwam na de Tweede Wereldoorlog op. Dit had voor een deel te maken met de economische ontwikkeling die Amerika op dat moment doormaakte. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werden vrouwen opgenomen in de beroepsbevolking omdat de mannen als soldaat aan het front in Europa en Azië moesten vechten. Het taboe op de “de werkende vrouw” werd hiermee doorbroken. Na beëindiging van de oorlog keerde de oorspronkelijke situatie dus niet meer terug, maar nam het percentage werkende vrouwen gestaag toe. Meer en meer vrouwen werden hierdoor financieel zelfstandig en onafhankelijk van de man, waardoor een huwelijk voor een vrouw niet langer noodzakelijk was om te kunnen overleven. Ongeveer tegelijkertijd kwam in Amerika de consumptie economie op die de mensen voorhoudt dat “genieten in het leven” de allerbelangrijkste zaak is. Hierdoor ontstond de opvatting dat liefde een voorwaarde voor het huwelijk is. Als het leven om “gelukkig zijn” draait, waarom zou je dan trouwen met iemand voor wie je geen liefde voelt, als hiervoor geen economische noodzaak bestaat? Vervolgens ontstond het idee dat men enkel met “de ware” moet trouwen, omdat de liefde in het huwelijk anders niet perfect zal zijn en dus het doel van het huwelijk niet gerealiseerd wordt.9

Een kritiek op het moderne idee van romantische liefde als reden voor het huwelijk

De opkomst van het idee van “de ware” heeft twee belangrijke gevolgen gehad. Ten eerste is het aantal huwelijk sterk afgenomen. In de jaren ’50 van de vorige trouwden ieder jaar gemiddeld 90 per 1,000 Amerikaanse vrouwen. Aan het begin van de 21e eeuw was dit aantal gedaald tot nog slechts 31 van per 1,000 Amerikaanse vrouwen. De verklaring hiervoor is dat er tegenwoordig langer gewacht wordt met trouwen, want mensen nemen nu de tijd om “de ware” te vinden.10 Ten tweede is het aantal huwelijken dat in scheiding eindigt toegenomen. Van de huwelijken die in de jaren ’60 van de vorige eeuw in Amerika afgesloten zijn, was 20 jaar later ongeveer 32% ontbonden. Voor de huwelijk uit de jaren ’70 lag het scheidingspercentage na 20 jaar op ongeveer 37%, voor huwelijk uit de jaren ’80 op ongeveer 38%, en voor huwelijk uit de jaren ’90 op ongeveer 36%.11 De mens is blijkbaar niet erg goed in het herkennen van “de ware” – het kost hem veel tijd en hij maakt veel fouten. Wat is het probleem?

De Brits-Zwitserse filosoof Alain de Botton heeft deze kwestie12 onderzocht en is tot de volgende conclusies gekomen:

Ten eerste zijn de meeste mensen zich niet bewust van hun eigen tekortkomingen. Volgens De Botton is de realiteit echter dat iedereen in meer of mindere mate gewoontes en karaktereigenschappen heeft die vreemd en/of onaangenaam zijn voor anderen. De gemiddelde mens is zich hier vaak niet van bewust omdat ouders, verblind door ouderlijke liefde, de neiging hebben om de vervelende gewoontes en karaktereigenschappen van hun kinderen te zien als “charmante” eigenschappen. Vrienden spreken elkaar gewoonlijk ook niet aan op elkanders vreemde of onaangename gewoontes en karaktereigenschappen – als iemand deze te erg vindt om te accepteren dan eindigt de vriendschap gewoon. Ten gevolge hiervan denken de meeste mensen “een redelijk goede persoon” te zijn en “makkelijk in de omgang”, terwijl de meeste mensen dit niet zijn. Bijna alle mensen komen met een unieke “gebruiksaanwijzing”, maar zij realiseren zich dit niet omdat er niemand is die hen hierop wijst.

Ten tweede, zegt De Botton, is het “ontmoeten van de ware” in feite een emotie. Voor een voor het verstand onverklaarbare reden voelt een persoon zich aangetrokken tot een andere persoon, en men ziet de vreemde of onaangename gewoontes en karaktereigenschappen van de ander dan wel maar het idee van “de ware” zegt dan dat dezen niet zo belangrijk zijn. Want, zegt het idee van “de ware”, wat je voelt, de liefde, dat is de waarheid. Vanwege het idee van “de ware” hebben mensen dus de neiging om in eerste instantie de vreemde of onaangename gewoontes en karaktereigenschappen van het object van hun liefde te negeren.

Ten derde wijst De Botton erop dat de romantische liefde, die vanwege het idee van “de ware” ertoe leidt dat de mens de vreemde of onaangename gewoontes en karaktereigenschappen van zijn geliefde doet negeren, niet een permanent gevoel is. Het verdwijnt na een bepaalde tijd en vanaf dat specifieke moment krijgt het verstand te overhand. Vanaf dat moment beginnen partners elkaar verstandelijk analyseren en realiseren ze zich elkanders vreemde of onaangename gewoontes en karaktereigenschappen. Omdat het idee van “de ware” zegt dat de partner een perfecte match moet zijn, beginnen partners zich in deze fase van hun relatie zich te irriteren aan elkaar – omdat beide partners niet in de gaten hebben dat zijzelf ook vreemde of onaangename gewoontes en karaktereigenschappen hebben, kunnen ze de vreemde of onaangename gewoontes en karaktereigenschappen van hun partner niet relativeren.

Het idee van “de ware” zet de mens dus feitelijk op het verkeerde been. Het zegt dat er iemand bestaat die een perfecte match bestaat. Twee mensen wier vreemde en onaangename gewoontes en karaktereigenschappen de ander nooit zullen irriteren en die nooit deze gewoontes en karaktereigenschappen geïrriteerd zullen raken. Omdat dit in de realiteit niet bestaat, en de partners elkaar onvermijdelijk in meer of mindere mate zullen irriteren, leidt het idee van “de ware” volgens De Botton tot echtscheiding. Het idee zegt dat irritatie niet juist is en een teken van een verkeerde partnerkeuze. Vanwege het idee van “de ware” concluderen partners dus uit zelfs de kleinste, volkomen natuurlijke en te verwachten irritatie dat ze niet elkaars ware zijn.

Voor een succesvol huwelijk moet de mens, volgens De Botton, het idee van “de ware” verlaten. In plaats hiervan, zegt De Botton, moet de mens ervan uitgaan dat hij niet “de ware” zal trouwen. Iedere mens moet in gedachten houden dat hij of zij zelf ook vreemde of onaangename gewoontes of karaktereigenschappen heeft, net zoals alle andere mensen dezen hebben. Met andere woorden, ieder mens moet ervan uitgaan dat niemand perfect is, en dus verwachten dat het huwelijk uiteindelijk met een persoon zal zijn die vreemde of onaangename gewoontes en karaktereigenschappen heeft.

Wie met dit idee het huwelijk in stapt, zegt De Botton namelijk, zal irritaties vanwege vreemde of onaangename gewoontes en karaktereigenschappen verwachten, en dus niet zien als een mislukking van het huwelijk maar als een vanzelfsprekend onderdeel van het huwelijk.

Wanneer partners aldus naar het huwelijk kijken, en een manier ontwikkelen om elkaar op vriendelijke en niet-confronterende wijze aan te spreken op vreemde of onaangename gewoontes en karaktereigenschappen, die zullen uiteindelijk leren elkanders vreemde of onaangename gewoontes en karaktereigenschappen te accepteren, or een manier vinden om hiermee om te gaan. Waardoor voorkomen wordt dat de irritatie die resulteert uit vreemde of onaangename gewoontes en karaktereigenschappen, en die in geval van het idee van “de ware” vaak leidt tot echtscheiding, de bovenhand gaat voeren in de relatie. En beide partners zich concentreren op elkanders goede eigenschappen.

  1. “Marriage, a History: How Love Conquered Marriage”, Stephanie Coontz, 2005
  2. “Plato’s theory of Love: Rationality as Passion”, Lydia Amir, Practical Philosophy, November 2001, http://www.society-for-philosophy-in-practice.org/journal/pdf/4-3%2006%20Amir%20-%20Plato%20Love.pdf
  3. “Marriage and Domestic Partnership”, Stanford Encyclopedia of Philosophy, https://plato.stanford.edu/entries/marriage/
  4. Ibidem noot 3
  5. Ibidem noot 1
  6. “The Arab Contribution to Music of the Western World”, Rabah Saoud, Foundation for Science, Technology and Civilization (FSTC), March 2004, http://www.muslimheritage.com/uploads/Music2.pdf; zie ook “Troubadour Contacts with Muslim Spain and Knowledge of Arabic : New Evidence Concerning William IX of Aquitaine”, George T. Beech, Romania, 1992, http://www.persee.fr/doc/roma_0035-8029_1992_num_113_449_2180
  7. “Courtly Love”, https://en.wikipedia.org/wiki/Courtly_love
  8. Ibidem noot 1
  9. Ibidem noot 1
  10. “The Disestablishment of Marriage”, Stephanie Cootz, New York Times, 22 juni 2013, http://www.nytimes.com/2013/06/23/opinion/sunday/coontz-the-disestablishment-of-marriage.html?_r=0
  11. “The Divorce Surge Is Over, but the Myth Lives On”, Claire Cain Miller, New York Times, 2 december 2014, http://www.nytimes.com/2014/12/02/upshot/the-divorce-surge-is-over-but-the-myth-lives-on.html
  12. “Why You Will Marry the Wrong Person”, Alain de Botton, New York Times, 28 mei 2016, https://www.nytimes.com/2016/05/29/opinion/sunday/why-you-will-marry-the-wrong-person.html?_r=0

Comments

comments

DELEN