De Islamitische wetgeving die door de Islamitische Staat Al Khilafa geïmplementeerd zal worden doet de mensen beloftes die de aanhangers van het kapitalisme vreemd in de oren zullen klinken.

Bijvoorbeeld belooft Islam iedere inwoner van de Islamitische Staat een minimum inkomen, omdat Profeet Mohammed (saw) heeft gezegd: “De zoon van Adam kent geen groter recht dan deze drie dingen: een huis waarin hij mag verblijven, een stuk kleed waarmee hij zijn naaktheid mag bedekken, en een stuk brood en water.” (At Tirmidhi). De betekenis hiervan is dat als iemand niet door middel van werk aan het inkomen kan komen dat nodig is voor onderdak, kleding en voedsel, en zijn familie ook niet in staat is om hem dit te geven, dat de Islamitische Staat er dan voor moet zorgen dat hem dit gegeven wordt.

Een verdere belofte is gratis onderwijs voor de burgers van de Islamitische Staat. Dit is omdat Profeet Mohammed (saw) als leider van de Islamitische Staat de verantwoordelijkheid voor het aanbieden van onderwijs op zich nam. Na de Slag van Badr oordeelde Profeet Mohammed (saw) dat de 70 Mekkanen die door de moslims gevangen waren genomen losgeld moesten betalen voor hun vrijheid: 4.000 dirham of het leren van lezen en schrijven aan de kinderen in Al Madina. (In “At Tabaqaat al Koebra” door Ibn Sa’ad al Baghdadi). Dit is een bewijs dat de Islamitische Staat verplicht is om ten minste het basisonderwijs te organiseren en gratis aan te bieden aan haar onderdanen. Profeet Mohammed (saw) heeft ook gezegd: “Geen schade en geen schade toebrengen.” (Ad Daaraqoetni). Aangezien de ervaring leert dat kennis een samenleving vooruit helpt, zowel op het economische, sociale, militaire als het religieuze vlak, betekent dit dat de Islamitische Staat ook voortgezet en zelfs wetenschappelijk onderwijs moet organiseren en beschikbaar moet stellen aan haar onderdanen. Want als de mensen niet dergelijk onderwijs kunnen genieten, dan wordt de samenleving schade toegebracht.

In de Islamitische Staat zal niet alleen het onderwijs gratis aangeboden worden maar ook de gezondheidszorg. Want in de visie van Islam kent de mens drie basisbehoeften, te weten veiligheid, voeding en gezondheid. Profeet Mohammed (saw) heeft namelijk gezegd: “Wie vrij is van ziekte, beschermd en veilig onder zijn mensen beweegt, en voldoende eten voor de dag heeft, voor hem is het alsof hij gans de doenya (huidige wereld) bezit”. (At Tirmidhi, Ibn Maadja). Bovendien heeft Profeet Mohammed (saw) gezegd: “Ieder van jullie is een herder. En ieder van jullie zal ondervraagd worden (op de Dag des Oordeels) betreffende zijn kudde. Een heerser is een herder die ondervraagd zal worden betreffende zijn kudde…” (Boechari, Moeslim). Dit betekent dat de Islamitische Staat gezondheidszorg moet organiseren voor haar onderdanen, omdat gezondheid een basisbehoefte is en de Khalifa moet zorgen voor de behoeften van de mensen. Na zijn emigratie naar Al Madina organiseerde Profeet Mohammed (saw) daarom ziekenzorg voor de moslims. Hij (saw) stuurde een dokter naar Oebay bin Ka’ab toen deze ziek was. (Boechari). Tijdens de Slag van de Greppel liet hij (saw) een tent opzetten om de gewonden in te verzorgen. (Moeslim). En hij (saw) gaf de moslima Roefaida bint Sa’ad Al Aslamiyya (ra) een beloning uit de oorlogsbuit gelijk aan de beloning voor de soldaten omdat zij tijdens veldslagen als verpleegster dienst deed. (In “Kitaab Al Maghaazi” door Al Waqidi). Verder voorzag Roefaida vanuit een tent opgezet in de moskee van Profeet Mohammed (saw) de mensen van Al Madina van gratis medische zorg. (Ibn Ishaaq).

Een verdere belofte is dat de burgers van de Islamitische Staat zullen delen in de voorraden van water en energie waar zij als gemeenschap afhankelijk van zijn. De reden hiervoor is dat Profeet Mohammed (saw) heeft gezegd: “De moslims delen in drie dingen: water, vuur en weidegrond.” (Aboe Dawoed). De consequentie van dit gedeelde eigendom is dat de moslims nooit meer zullen betalen voor drinkwater, irrigatiewater, elektriciteit en brandstof dan wat het kost om dit te produceren uit de beschikbare bronnen, omdat deze zaken in principe hun bezit zijn.

Voor de kapitalisten zijn dit zeer vreemde beloftes omdat deze rechten in het kapitalisme niet gelden. Het fundament onder de kapitalistische visie is vrijheid van bezit, wat betekent dat iedereen alles tot zijn eigen, private bezit mag maken. Bij privaat bezit geldt dat de eigenaar anderen mag weigeren gebruik te maken van het feit. In het kapitalisme geldt daarom ”Als je iets wilt, zul je ervoor moeten betalen”.

In het nu volgende zal uitgelegd worden waarom genoemde beloftes van Islam onverstandig zijn in de visie van de kapitalisten. Hierna zal uitgelegd worden waarom de visie van de kapitalisten op deze zaken verkeerd is.

Waarom zijn de beloftes van Islam onverstandig volgens de kapitalisten?

De beloftes van de Islamitische Staat staan lijnrecht tegenover de adviezen van de instellingen zoals het Internationaal Monetair Fonds (IMF) en de Wereldbank (WB) die rond de wereld het kapitalisme propaganderen.

Het IMF werkt gewoonlijk samen met landen die acute economische problemen hebben, zoals wanneer een regering haar schulden niet meer kan betalen of wanneer de financiële sector van een economie op instorten staat. De WB werkt samen met landen die niet genoeg geld hebben om ontwikkelingsprojecten te ondernemen, zoals het aanleggen van wegen, nutsvoorzieningen, enzovoorts.

De hulp van deze beide instellingen komt met voorwaardes. Om de hulp te krijgen moeten landen de economische adviezen van het IMF en de WB volgen. Omdat beide instellingen zich baseren op het kapitalistische gedachtegoed, komen de adviezen van beiden grotendeels overeen.

Een land dat steun wil moet zich concentreren op het voorkomen van een begrotingstekort, oftewel niet meer uitgeven dan het aan belastingen binnenkrijgt, en het vrijmaken van de markt. Het idee achter de focus op het begrotingstekort is dat een land zonder begrotingstekort door internationale investeerders als betrouwbaar en capabel gezien zal worden, en dus meer internationale investeringen zal aantrekken. Dankzij deze investeringen zullen de mensen in het land dan banen kunnen krijgen, waardoor de economie zal groeien. Het idee achter de focus op het vrijmaken van de markt is dat dit ondernemen makkelijker maakt, waardoor mensen meer mogelijkheden zullen hebben om ondernemingen te beginnen en hiermee geld zullen kunnen verdienen, waardoor de economie verder zal groeien. Conform de standaard economische theorie in kapitalisme gaan het IMF en de WB er van uit dat iedereen in een land, of toch tenminste de meeste mensen, profiteren van een groeiende economie.

In de praktijk komen deze adviezen van het IMF en de WB er op neer dat een land:

– Uitkeringen voor werkloosheid, arbeidsongeschiktheid, ouderdom, enzovoorts, moet beperken of zelfs helemaal moet afschaffen. Want, zeggen het IMF en de WB, uitkeringen maken het moeilijk voor een land om een sluitende begroting te hebben.

– Bezuinigingen op onderwijs en ziekenzorg moeten doorvoeren. In de plaats hiervan moet het land dan ruimte maken voor (internationale) ondernemingen om private scholen en ziekenhuizen op te zetten wiens doel het maken van winst is. Ook dit zal volgens het IMF en de WB landen helpen om een sluitende begroting te realiseren, terwijl de vrije markt er tegelijkertijd voor zal zorgen dat onderwijs en ziekenzorg beschikbaar is voor de mensen. En wel tegen een kostprijs die lager is dan wanneer de overheid deze diensten aanbiedt, zeggen het IMF en de WB, omdat volgens hen ondernemingen die zich op winst concentreren efficiënter werken dan staatsinstellingen. Wanneer desalniettemin de verkoopprijs voor onderwijs en ziekenzorg stijgt dan zeggen het IMF en de WB dat dit goed is voor de economie omdat de mensen anders teveel onderwijs en ziekenzorg gebruiken en dezen feitelijk verkwisten (te veel jaren op de universiteit rondhangen zonder een diploma te halen, een ziekenhuis bezoeken voor zelfs de allerkleinste van kwaaltjes, enzovoorts). Door de hogere prijs stoppen ze hier dan mee, waardoor de verkwisting van middelen in de economie verminderd wordt. De hierdoor bespaarde middelen kunnen dan uitgegeven worden aan andere zaken die meer waarde voor de economie hebben. Voor al deze redenen versnellen ook deze maatregelen volgens het IMF en de WB de economische groei.

– Staatsbedrijven in het bereik van watervoorziening, elektriciteitsvoorziening en olie & gas moeten privatiseren, en subsidies voor water, elektriciteit en brandstof moet beëindigen. In plaats hiervan moet het land vrije markten creëren voor water, elektriciteit en brandstof, zodat (internationale) ondernemingen op deze markten kunnen concurreren om winst te maken. Dit argumenteren het IMF en de WB op dezelfde wijze als de bezuinigingen op onderwijs en ziekenzorg. Door deze zaken over te laten aan private ondernemingen zal het land geld besparen en zullen deze producten tegen de marktprijs verhandeld worden waardoor mensen er niet langer excessief gebruik maken van zullen maken, en zal dus meer economische groei realiseren.

– Belasting op Toegevoegde Waarde (BTW) moeten introduceren om meer inkomen voor de overheid te genereren.

Waarom de visie van de kapitalisten verkeerd is (Oftewel, waarom de beloftes van de Islamitische Staat verstandig zijn)

De beloftes van de Islamitische Staat Al Khilafa staan duidelijk haaks op hetgeen de economen van het IMF en de WB juist achten. Dit betekent niet, echter dat de beloftes van de Islamitische Staat onverstandig zijn.

Het IMF en de Wereldbank zijn mislukkingen

Het IMF en de WB hebben met hun adviezen nog geen enkel land de armoede uit weten te trekken. Chili is feitelijk het enige land dat na interventie van het IMF er economisch op vooruit is gegaan. Maar, als het IMF en de WB na honderden van interventies en projecten rond de wereld de voorbij vijftig jaar slechts één succesverhaal kunnen presenteren, dan is dit land eerder een bewijs van mislukking dan van succes.

(Bovendien heeft Chili op kritieke punten de IMF en WB adviezen juist niet gevolgd. Het heeft bijvoorbeeld het onderwijs niet geprivatiseerd en de winning van natuurlijke mineralen ondergebracht in staatsbedrijven.[1])

Volgens Joseph Stiglitz, nobelprijs-winnaar in de economie en tot 1999 een topman binnen de WB, hebben het IMF en de WB Afrika niet vooruit, maar zelfs achteruit geholpen. “Het enige land met een positieve ervaring met het IMF is Botswana”, zei Stiglitz, “Want daar zei men tegen het IMF ‘oprotten!’.” [2]

Waar de adviezen van het IMF en de WB iets van economische groei realiseerden, daar ging dit gewoonlijk gepaard van een grote stijging in de inkomensongelijkheid. Meer van de welvaart ging naar een rijke elite en minder bleef over voor de rest van de samenleving, waardoor in de praktijk de meeste mensen niet profiteerden van de groei. [3]

Hierdoor hebben het IMF en de WB de groei van de landen die zij geadviseerd hebben beperkt, want onderzoek heeft duidelijk gemaakt dat inkomensongelijkheid als een rem op economische groei werkt. [4] In reactie heeft de WB een nieuwe doelstelling geïntroduceerd, “Inclusive Growth (Groei voor Allen)”, waar zij voorheen enkel keek naar totale groei [5] en heeft het IMF (plotseling) opgeroepen tot het bestrijden van inkomensongelijkheid middels specifiek beleid. [6] Maar beide organisatie weigeren te erkennen dat hun adviezen iets met de toenemende inkomensongelijkheid van doen hebben.

Op indirecte wijze hebben het IMF en de WB zelf erkent dat hun adviezen waardeloos zijn. Zij hebben namelijk geen van de westerse landen hun traditionele recepten geadviseerd, toen dezen in 2008 in grote financiële problemen kwamen. In plaats van de gebruikelijk verwerping van subsidies en andere staatssteun voor ondernemingen was het IMF nu ineens zeer positief over de massale staatssteun die de banken in de westerse wereld gegeven werd door hun overheden. [7] En in plaats van haar gebruikelijke eis tot bezuinigen adviseerde het IMF de westerse landen “Geef meer uit!”. [8] Met andere woorden, het IMF weet drommels goed dat het de arme lande in de wereld altijd slecht advies heeft gegeven, advies waar deze landen niet van profiteren maar waar de eigenaren van het IMF – de westerse landen – van profiteren.

Dus wie de visie van het IMF en de WB als uitgangspunt neemt om andere visies mee te beoordelen, die is in werkelijkheid onverstandig en onrealistisch!

Subsidies en verkwisting: een economische wet of een probleem van kapitalisme?

Voor wat betreft het idee dat marktprijzen verkwisting voorkomen, oftewel dat het aanbieden van gratis onderwijs en ziekenzorg, en water, elektriciteit en brandstof tegen kostprijs, leidt tot verspilling en verkwisting, dit is niet een natuurwet maar een ervaring van de kapitalistische economen.

Dit heeft feitelijk te maken met de ideeën waarmee de mensen in kapitalisme worden opgevoed. In kapitalisme wordt gelukzaligheid gedefinieerd als “de mate waarin een mens zijn (materiële) behoeftes kan bevredigen”. Verder worden de mensen in kapitalisme aangespoord om individualistisch te zijn, want, zo zegt men, als de mens teveel nadenkt over wat andere mensen willen dan volgt hij zijn eigen verlangens niet en kan hij niet gelukkig worden. Het resultaat van het materialisme en individualisme van kapitalisme is dat als de mensen iets beschikbaar wordt gesteld zij zullen proberen zoveel mogelijk hiervan te gebruiken, omdat zij denken dat dit hen gelukkiger maakt en omdat zij niet denken aan anderen. In zo een situatie leiden subsidies dus inderdaad tot verkwisting.

In de Islamitische Staat Al Khilafa zullen de mensen echter met andere ideeën opgevoed worden. Bijvoorbeeld, volgens Islam is gelukzaligheid niet in materieel genieten maar in het streven naar de Tevredenheid van Allah (swt). Verder spoort Islam de gemeenschapszin aan door de mensen te leren dat het helpen van anderen en het zorgen voor anderen een weg is die leidt tot de Tevredenheid van Allah (swt). In een samenleving die op deze ideeën is gebaseerd zullen subsidies niet leiden tot verkwisting. De mensen zullen juist voorzichtig zijn met het vragen voor de gesubsidieerde diensten en goederen uit zorg dat hun gebruik van het aanbod de belangen van andere mensen zal schaden. De mensen zullen zich namelijk bewust zijn dat zij verantwoording af moeten leggen tegenover hun gemeenschap voor hun gebruik van het aanbod van onderwijs, gezondheidszorg, water en energie.

Een praktische voorbeeld van deze Islamitische mentaliteit, en waar deze toe leidt, is in de memoires van iemand die lange tijd in de gevangenissen van Jordanië moest verblijven. Hij beschreef hoe hij daar iemand ontmoette die bijzonder bewust was van de Islamitische wetgeving. Hij observeerde deze persoon terwijl die de rituele wassing (“woedhoe”) verrichtte en hij merkte dat deze persoon bijzonder zuinig met het water was. Hij gebruikte slechts een klein beetje om zijn handen nat te maken, om dezen vervolgens te strijken over de onderarmen, het gezicht, het haar en de voeten. Hij vroeg deze man, gekscherend: “Ben je soms bang dat het water van de gevangenis op zal raken?”. De man antwoordde: “Dit (water) is iets waar de moslims het bezit van delen (oftewel het is van hen allen). Het moet daarom behouden worden en mag niet verkwist worden”. [9]

Met andere woorden, het probleem dat de kapitalistische economen waarnemen is niet een economische wet maar een kwestie van mentaliteit – een de problematische mentaliteit zal Islam veranderen.

“Marktprijzen” onderschatten de waarde van onderwijs

Het IMF en de WB zeggen dat mensen de echte kost van goederen en diensten moeten kennen en dezen moeten gebruiken wanneer ze beslissen over hun uitgaven. Ze moeten namelijk de echte kost vergelijken met het profijt dat ze denken te kunnen halen uit goederen en diensten, zeggen het IMF en de WB, zodat ze het meeste profijt zullen kunnen realiseren door hun uitgaven.

Verder zeggen het IMF en de WB dat de subsidies voor onderwijs en gezondheidszorg de echte kost van deze diensten onduidelijk maken, omdat bij subsidies een deel van de kost niet door de mensen maar door de staat betaald wordt. De mensen die van deze diensten gebruik willen maken gaan de kost van deze diensten dus onderschatten, waardoor ze tot de beslissing komen om meer van deze diensten te gebruiken dan ze eigenlijk zouden moeten.

Het IMF en de WB hebben gelijk dat subsidies de echte kost van goederen en diensten onduidelijk maken voor de mensen waardoor ze deze onderschatten. Het IMF en de WB onderschatten zelf, echter, het echte profijt in zaken zoals onderwijs en gezondheidszorg.

Het IMF en de WB kijken in hun economische modellen enkel naar het profijt in deze diensten voor het individu dat van hen gebruik maakt. En dan voor dit individu enkel het materiële profijt: hoeveel meer geld gaat hij of zij verdienen door het extra onderwijs of de extra gezondheidszorg?

In werkelijkheid, echter, is er veel meer profijt in onderwijs en gezondheidszorg dan enkel het materiële profijt voor het individu.

Betreffende onderwijs, bijvoorbeeld, heeft statistisch onderzoek aangetoond dat samenlevingen met een hoger algemeen opleidingsniveau een snellere economische groei kennen en minder werkeloosheid. Statistisch onderzoek heeft ook aangetoond dat mensen met een hoog opleidingsniveau gezonder en langer gezond leven dan mensen met een laag opleidingsniveau. Mensen met een hoog opleidingsniveau zijn gewoonlijk ook meer betrokken bij het welzijn van hun samenleving. En, mensen met een hoog opleidingsniveau zijn meer tevreden met hun leven dan mensen met een laag opleidingsniveau. Dit zijn allemaal voordelen van onderwijs die in de profijtbepaling van het IMF en de WB niet meetellen, omdat hun profijtbepaling enkel kijkt naar het extra geld dat het individu verdient door het extra onderwijs. [10]

De realiteit is, derhalve, dat individuen de neiging hebben het profijt in onderwijs te onderschatten. Wanneer mensen nadenken over een extra opleiding dan hebben zij de neiging om de invloed van deze opleiding op andere mensen in hun samenleving, en om het profijt buiten het financiële profijt, te negeren. Zouden mensen dus, zoals het IMF en de WB willen, de echte kost van het onderwijs vergelijken met wat zij als het profijt in dit onderwijs zien, dan zouden ze de echte kost vergelijken met een te laag profijt. Het aanbieden van gesubsidieerd onderwijs is derhalve verstandig omdat het ervoor zorgt dat er weer balans is tussen de kost en het profijt die mensen gebruiken voor hun persoonlijke analyse. Ze onderschatten dan niet enkel het profijt maar ook de kost, waardoor ze vanuit het perspectief van de samenleving een betere beslissing over extra onderwijs zullen nemen dan wanneer ze de echte kost vergelijken met een te laag profijt.

Bovendien, wanneer de toegang tot onderwijs afhankelijk is van rijkdom, dan gaat een groot deel van de intellectuele capaciteit van een natie verloren. De verdeling van de intellectuele capaciteit, de capaciteit tot leren en het gebruiken van kennis, is immers niet gebaseerd op rijkdom. Een kind geboren in een arm gezin kan geboren worden met een grotere intellectuele capaciteit dan een kind uit een rijk gezin. Wanneer de toegang tot onderwijs afhankelijk is van rijkdom, dan zal een samenleving dus geen gebruik kunnen maken van de intellectuele capaciteiten van hen die niet rijk geboren worden – en dit is meestal een meerderheid in de samenleving!

Het aanbieden van gratis onderwijs is daarom eveneens verstandig. Want in de wetenschap dat de invloed van een hoge opleiding van een persoon zo positief is op verschillende anderen, laat het de samenleving profiteren van al de aanwezige intellectuele capaciteit en niet slechts een deel ervan.

“Marktprijzen” onderschatten de waarde van gezondheidszorg

Ook betreffende gesubsidieerde gezondheidszorg zijn verschillende positieve effecten geregistreerd die in de standaard analyse van het IMF en de WB genegeerd worden.

In een systeem waar ieder individu de volledig kost van medische hulp zelf moet dragen is gezondheidszorg enkel beschikbaar voor de mensen die het kunnen betalen. Landen en regio’s die recent van dit systeem afgestapt zijn, zoals Thailand, Rwanda, delen van India, hebben ervaren dat de mensen hierdoor minder ziek worden en langer leven. Als in de gezondheidszorg alles geld kost, dan proberen (vooral armere) mensen een bezoek aan de dokter uit te stellen. Ze bezoeken de dokter dan pas als de symptomen verergert zijn en de behandeling moeilijker is geworden. In een gratis systeem worden problemen dus gewoonlijk eerder gevonden en behandeld. Bovendien maken mensen in een systeem van gratis gezondheidszorg meer gebruik van preventieve gezondheidszorg, zoals een bezoek aan een verpleger of dokter om vragen te stellen over hoe problemen voorkomen kunnen worden.

Deze verbetering van de algemene gezondheid heeft invloed op de economie. “Gezond maken” is gewoonlijk duurder dan “gezond houden”. Door de positieve invloed van gratis gezondheidszorg op het algehele gezondheidspeil kan het dus zelfs een kostenbesparend effect hebben.

Bovendien, als de mensen zwak of ziek zijn kunnen ze niet studeren of werken. Door de gezondheid van de mensen te verbeteren kreeg de economie in de genoemde landen dus een boost omdat de mensen zich meer en beter konden inspannen. [11]

[1] https://en.wikipedia.org/wiki/Washington_Consensus

[2] www.theguardian.com/business/2001/apr/29/business.mbas

[3] www.un.org/esa/desa/papers/2010/wp100_2010.pdf

[4] www.imf.org/external/pubs/ft/sdn/2015/sdn1513.pdf

[5] http://siteresources.worldbank.org/INTDEBTDEPT/Resources/468980-1218567884549/WhatIsInclusiveGrowth20081230.pdf

[6] www.imf.org/external/pubs/ft/sdn/2015/sdn1513.pdf

[7] www.imf.org/External/Pubs/FT/GFSR/2009/02/pdf/press3.pdf

[8] www.wsj.com/articles/imf-calls-on-germany-to-invest-more-in-infrastructure-1431344662

[9] “Excepts from the prison memoirs and the honor of companionship with the ameer of Hizb ut Tahrir and the eminent scholar sheikh Ata bin Khalil Abu Al Rashtah”, www.khilafah.com/excerpts-from-the-prison-memoirs-and-the-honor-of-companionship-with-the-ameer-of-hizb-ut-tahrir-the-eminent-scholar-sheikh-ata-bin-khalil-abu-al-rashtah/

[10] www.timeshighereducation.co.uk/news/higher-education-its-good-for-you-and-society/2008681.article

[11] www.theguardian.com/society/2015/jan/06/-sp-universal-healthcare-the-affordable-dream-amartya-sen; zie ook www.amsa.org/wp-content/uploads/2015/03/CaseForUHC.pdf

Comments

comments

DELEN