moslimjongeren | Honderdtachtig moslimjongeren gingen zaterdag in achttien steden de straat op om rozen uit te delen. In de gesprekken die ze aanknoopten, hoopten zij het vijandige beeld over moslims te verbeteren.

Mutahar Mirza, een 20-jarige Pakistaanse Nederlander, maakt geregeld mee dat de stoelen rondom zijn zitplaats in de metro leegblijven. ,,Dat komt door mijn baard, die schrikt sommige mensen af”, denkt hij. Musab Uluçay, een 20-jarige Turkse Nederlander herkent dit. Hij plukt aan zijn kin: ,,Mensen denken dat ik een terrorist ben, een extremistische moslim, een enge man.” Ja ze zijn moslims, maar ‘hele normale’ verzekeren de twee. Uluçay: ,,Wij willen vandaag laten zien dat moslims iets moois kunnen doen, iets vreedzaams.”

Samen deelden zij zaterdagmiddag witte rozen uit in hun woonplaats Amsterdam, bij de ingang van de Albert Cuypmarkt. De jongens deden mee aan de actie Hallo, wij zijn moslims, van Turks-Nederlandse organisatie Milli Görüs die in 18 steden werd uitgevoerd, waaronder Rotterdam, Dordrecht, Den Haag en Utrecht. 180 moslimjongeren gingen het gesprek aan met willekeurige voorbijgangers.

De actie van de conservatief-religieuze organisatie moest tegenwicht bieden aan de negatieve berichtgeving over de islam. Mirza: ,,Ook wij verafschuwen de daden van Islamitische Staat . Ons geloof heeft helemaal niks met terrorisme te maken. Vandaag hoop ik dat beeld een klein beetje te veranderen.”

Boogje

De bakken met rozen zijn in rap tempo leeg op de Albert Cuypmarkt. Toch zijn er ook voorbijgangers die geen bloem willen aannemen of met een boogje om de groep heen lopen. Frida, een oudere dame die met haar man over de man slentert, haalt haar neus op. ,,Ze zullen die rozen wel gejat hebben. Hypocriet, dat zijn ze.” Een marktkoopman, die niet met zijn naam in de krant wil, verwijst nog eens fijntjes naar de terroristische aanslagen in Europa. De schuld van moslims, stelt hij. ,,Het geloof is gevaarlijk. Mensen maken elkaar ervoor af. Niet dan?” Hij kijkt om zich heen. ,,Ik ben ook veel alerter dan vroeger. Deze markt is druk,er kan zomaar een aanslag plaatsvinden. Of bij de Arena. Het is wachten tot het fout gaat, en er tien ton dynamiet onder het viaduct wordt gelegd.”

Hij begint een monoloog over de moslimvrouwen, een paar meter verderop, die ‘met dat sjaaltje om hun hoofd’ onderdrukt worden. ,,Ze denken dat ze vrij zijn, maar dat is niet zo.” Suheda Yilmaz (25), masterstudente ondernemingsrecht uit Utrecht, onverstoorbaar: ,,Ik krijg die opmerking vaker. Nee, ik word niet onderdrukt. Ik kleed me zoals ik dat wil, het hoort bij mijn religie en ik voel me er fijn bij.”

Tranen

Een enkeling begint over de spanningen tussen Turkije en Nederland, maar die discussie houden de jongeren bewust af. Ze praten niet over de mislukte coup tegen de Turkse president Erdogan, de duizenden arrestaties die volgden of het omstreden referendum. Yilmaz: ,,Wij doen niet aan politiek, gelukkig niet. Ik sta hier als Nederlandse moslim, die verbinding en harmonie zoekt met de samenleving. Dat heeft niets met mijn Turkse identiteit te maken.”

Yilmaz krijgt ook andere, veelal positieve reacties. Ze omhelst voorbijganger Danique Fennema (20) uit Hilversum die spontaan in tranen uitbarst wanneer ze een roos krijgt aangeboden. ,,Zo’n actie zou toch niet nodig moeten zijn? Ik begrijp gewoon niet dat er nog altijd een drempel is om op een moslim af te stappen,” zegt Fennema, die haar tranen aan haar mouw afdroogt. De roos slaat ze af. ,,Niet nodig. Geef die maar aan iemand die dit nog niet begrijpt.”

Lees hier verder: http://www.ad.nl/binnenland/ze-denken-dat-ik-een-terrorist-ben~a2d63f79/

Comments

comments

DELEN