“De pot verwijt de ketel dat hij zwartkijkt”. Dit spreekwoord is van toepassing op de westerse wereld wanneer deze Islam en de moslims aanklaagt met de beschuldiging dat moslimvrouwen onderdrukt worden, en zich onder het voorwendsel “bevrijding van de moslimvrouw” met de zaken een aangelegenheden van de moslims bemoeit.

De Islamitische hoofddoek wordt in de westerse wereld veelal als het symbool gezien voor deze veronderstelde “onderdrukking van de moslimvrouw”. Dit overigens al sinds eeuwen. Vanaf het moment dat de westerse wereld in de persoon van kolonialisten voet op Islamitische bodem zette, heeft zij daarom actief beleid gevoerd in de moslim landen om de moslimvrouwen ertoe te bewegen hun hoofddoek af te doen. Maar, de moslimvrouwen interesseerden zich niet voor een westerse goed- danwel afkeuren van de hoofddoek. Want de moslimvrouw draagt de Islamitische hoofddoek in antwoord op de geboden en verboden van Allah, de Schepper van de Hemelen en de Aarde. En dus met of zonder toestemming van het westen. En dus ongeacht of het westen begrijpt waarom zij haar hoofddoek draagt of niet.

In reactie hierop hebben politici en media in de westerse wereld nieuwe taktieken ontwikkeld om de moslimvrouwen ertoe te bewegen hun hoofddoek af te doen. Zo bijvoorbeeld de wettelijke vervolging van de hoofddoek, oftewel discriminatie van de moslimvrouw met hoofddoek, zoals de verboden op het dragen van de hoofddoek op bepaalde plaatsen en bij bepaalde werkzaamheden. Of bijvoorbeeld de psychologische terreur tegen de moslimvrouw met hoofddoek, zoals de portrettering van de moslimvrouwen met hoofddoek als achterlijk, dom, ouderwets en onderdanig; terwijl de moslimvrouw zonder hoofddoek wordt geportretteerd als intelligent, hip, zelfstandig en eerbiedwaardig. Maar slechts in enkele individuele gevallen hebben deze nieuwe taktieken inderdaad succes gehad. Verreweg de meeste moslimvrouwen met hoofddoek hebben in weerwil van deze taktieken toch vastgehouden aan hun hoofddoek. En sterker nog, in het hoofddoek vijandige klimaat dat met genoemde taktieken tot stand is gebracht is de algemene tendens toch dat juist meer moslimvrouwen de Islamitische hoofddoek zijn gaan dragen.

Hierdoor is men in de westerse wereld zo geobsedeerd geraakt door de Islamitische hoofddoek, dat men geen goed oog meer heeft voor de desastrueze omstandigheden waarin de westerse vrouw verzeild is geraakt. Onder invloed van het kapitalisme is de westerse vrouw ondermeer een onrealiseerbaar schoonheidsideaal opgedrongen, wat verregaande gevolgen heeft voor zowel de fysieke als de psychische gezondheid van de westerse vrouwen.

In de 19e eeuw was het schoonheidsideaal voor de westerse vrouw bijvoorbeeld de wespentaille. Middels een korset moest de taille van de vrouw zo klein mogelijk worden gemaakt, wilde de vrouw door de samenleving als “mooi” worden geaccepteerd. Het resultaat hiervan was dat “mooie vrouwen” hun organen volledig verknelden en nog slechts moeilijk konden ademen, waardoor ze feitelijk voortdurend aan de rand van flauwvallen stonden. Na 1920 raakte dit schoonheidsideaal uit de mode, maar, krankzinnig als het moge klinken, momenteel schijnt het met een come back bezig te zijn.
De “wespentaille”

In het moderne westerse schoonheidsideaal is het korset als martelinstrument vervangen door de hoge hak. De hoge hak zorgt ervoor dat de vrouw een onnatuurlijke houding aanneemt tijdens het lopen, wat na verloop van tijd zorgt voor ernstige pijn in de gewrichten (enkel, knie, heup) en de rug. Vooral wanneer de hoge hakken gedragen worden in combinatie met een modieuze schoudertas treden deze symptomen op. En bij veelvuldig en langdurig gebruik raakt de voet van de vrouw misvormd door de vorm van de schoen. De voet in de moderne “hoge hak” onderscheidt zich namelijk nauwelijks van de voet die resulteert uit de oud-Chinese traditie van “voetbinden”. Onder deze traditie werden de voeten van meisjes in de groei afgebonden zodat normale groei van de voeten niet plaats kon vinden. De jonge meisjes kregen hierdoor misvormd kleine voeten conform het toenmalige Chinese schoonheidsideaal. De parktijk van het voetbinden wordt tegenwoordig gebruikt als schoolvoorbeeld van tradities waarvan afstand genomen moet worden, maar tegelijkertijd wordt de hoge hak dus gepromoot in het moderne westerse schoonheidsideaal.
Links een röntgenfoto van een voet in een hoge hak, rechts een röntgenfoto van een chinese gebonden voet

Het is verder welbekend dat het moderne westerse schoonheidsideaal voor vrouwen eist dat zij superslank zijn. Eigenlijk moeten vrouwen onnatuurlijk mager zijn. De gemiddelde Body Mass Index (BMI) voor de topmodellen die het moderne westerse schoonheidsideaal weergeven is namelijk slechts 16,3. Ter indicatie, volgens de Wereld Gezondheid Organisatie van de Verenigde Naties is een BMI van 18,5 of lager “ongezond ondergewicht”, en 25,0 of hoger is “ongezond overgewicht”. Het moderne westerse schoonheidsideaal voor vrouwen valt dus in de categorie enrstig ondergewicht. Door de promotie van dit schoonheidsideaal zijn eetziektes als anorexia (niet eten) en bollumia (overgeven na het eten) een probleem geworden in de westerse samenlevingen. Een bewijs hiervoor is de recente instelling in verschillende landen van wetten die modellen verplichten een BMI te hebben van minstens 18,0. Dit in een poging het ongezonde schoonheidsideaal dat gepromoot wrdt door de modeindustrie te corrigeren.

Echter, de complete onnatuurlijkheid van het moderne westerse schoonheidsideaal wordt belichaamd door de plastische chirurgie. Alles van het vrouwelijk lichaam kan en wordt tegenwoordig door chirurgen onder handen genomen. Chemicalien als botox worden in gezonde huid gespoten om rimpels tegen te gaan, of om de voetpijn die voortkomt uit het dragen van hoge hakken te verminderen. Gezonde huid wordt weggesneden om de vrouw jonger te laten lijken. Tenen worden verkleind om de vrouw eenvoudiger hoge hakken te laten dragen. En siliconen worden overal geplaatst om de vorm van het lichaam te veranderen: van de jukbeenderen, tot de kin, tot de borsten, billen en kuiten. Wat vooral in Azië populair is, is het breken van de onderbenen om hen langer te kunnen laten maken, en om chemicaliën in te spuiten waardoor de huid gebleekt wordt, en om delen van de huid rond de ogen te verwijderen – alles om beter aan het moderne westerse schoondheidsideaal te kunnen voldoen.

Het gezegde “wie mooi wil zijn moet pijn leiden” is dus werkelijk waarheid voor wat betreft het westerse schoonheidsideaal. Wie het westerse schoonheidsideaal analyseert, die ziet in dat dit de vrouw leidt tot niets anders dan marteling. De westerse beschaving heeft voor de vrouw een ideaalbeeld geschapen dat niet bij haar schepping past. Het bestaat ondermeer uit een onnatuurlijk gewicht en onnatuurlijke proporties voor het lichaam; voor niet-blanke vrouwen ook nog uit een onnatuurlijke huidskleur; en voor aziatische vrouwen verder uit een onnatuurlijke lengte. En omdat in de westerse samenleving de vrouw eerst en vooral – zo niet “enkel en alleen” – beoordeeld wordt op uiterlijk en “sex appeal”, ondergaan de westerse vrouwen gewillig al de pijn die komt bij het najagen van dit westers schoonheidsideaal. Dat het lichaam langzaam maar zeker misvormd raakt door het nauwgezet volgen van de laatste modetrends wordt geaceepteerd, en men probeert deze gevolgen tegen te gaan middels plastische chirurgie. Dat plastische chirurgie zoals alle vormen van chirurgie risico’s met zich meebrengt, wordt ook gewillig geaccepteerd. De pijn die hoort bij de operatie en het herstel na de operatie, wordt zonder klagen ondergaan. En dat onduidelijk is hoe behandeling op langere termijn van invloed zal zijn op het lichaam, dat het ernstige ziektes en misvormingen kan veroorzaken, daar wordt niet moeilijk over gedaan.

Dit heeft zonder twijfel te maken met het feit dat “winst” het leidmotief is kapitalisme. Want aan het najagen van het onnatuurlijk schoonheidsideaal door de vrouwen wordt grof geld verdiend in de cosmetische en plastisch chirurgische industriën. Maar er kan onmogelijk gezegd worden dat de beschaving die vrouwen dit aandoet, die vrouwen ertoe aanzet om zichzelf extreme pijn aan te doen en te mishandelen, werkelijk respect voor de vrouw heeft. De politici en media in de westerse wereld concentreren zich dus al jaren op de hoofddoek van de moslimvrouwen, maar tegelijkertijd negeren zij de ketenen waarin de westerse vrouw zich bevindt. Dit is waarom het spreekwoord “De pot verwijt de ketel dat hij zwartkijkt” van toepassing is op het westen.

Uit dit alles blijkt ook dat hetgeen de westerse wereld de moslimvrouwen wijs probeert te maken, namelijk dat de westerse manier van leven leidt tot sterke, zelfbewuste en daardoor gelukkige vrouwen, niet de waarheid is. Kracht en zelfbewustzijn hebben namelijk niets te doen met een vrouw die bereid is haar lichaam te folteren om maar mooi gevonden te kunnen worden door anderen. Noch hebben dezen iets te doen met de vrouw wiens enige levensdoel het is om mooi en sexy gevonden te worden. Kracht en zelfbewustzijn zijn in de vrouw die vasthoudt aan hetgeen zij in gelooft, ongeacht wat de samenleving hiervan moge vinden. Om je complete leven te onderwerpen aan het heersende modebeeld vereist geen moed; om je hier tegen te verzetten wanneer deze ingaat tegen hetgeen je in gelooft, dat vereist moed.

In werkelijkheid is het is bij de moslimvrouwen met hoofddoek, derhalve, dat ware kracht en zelfbewustzijn gevonden kan worden. Zij jagen namelijk niet een onnatuurlijk schoonheidsideaal na omdat de samenleving dit van hen verwacht, maar volgen de principes waarin zij geloven ook wanneer de samenleving zich hiertegen verzet.

Comments

comments

DELEN