In verschillende moslimlanden is toerisme tot het hart van de economie gemaakt. Voorbeelden hiervan zijn Tunesië, Egypte en de Malidiven. In de Malidiven maakt toerisme 28% van de waarde van de totale economie uit, in Egypte is dit 11,3% en in Tunesië 6,5%. [1, 2 en 3 respectievelijk]

Dat het meeste toerisme op gespannen voet staat met Islam is duidelijk. Desalniettemin hebben de Islamitische politieke partijen de Moslim Broederschap in Egypte en An Nahda in Tunesië, die sinds de Islamitische Lente in Egypte en Tunesië aan de macht zijn gekomen, laten weten dat zij het toerisme niet alleen willen behouden, maar nog verder willen uitbouwen om de economische problemen in hun landen aan te pakken. Op de vraag of de nieuwe regering van president Morsi in Egypte bikini’s en alcohol gaant verbieden op de Egyptische stranden antwoordde een leider binnen de Moslim Broederschap: “Niets [van wat we willen doen] zal het strandtourisme in Egypte beïnvloeden. Wij bouwen op onze capaciteiten en de diensten die we aanbieden aan onze klanten die naar onze stranden komen, en proberen dezen zelfs uit te breiden. (…) De huidige regering, de huidige president steunt toerisme in al haar vormen. (…) Als er investeringen zijn in speciale vormen van toerisme, zoals bijvoorbeeld voor Arabische investeerders of Islamitische investeerders, dan verwelkomen we dit als een toevoeging op en niet ter vervanging van het huidige strandtoerisme.” [4] En in Tunesië organiseerde de An Nahda partij van een conferentie over toerisme op het eiland Djerba, een populaire bestemming voor veel toeristen, waarbij premier Hamadi Jebali zei: “We zullen de tradities van onze gasten voor wat betreft hun eten, drinken en kledij respecteren”. Om deze woorden kracht bij te zetten werden tijdens de conferentie allerhande alcoholische dranken geserveerd voor de gasten. [5]

Of deze focus op toerisme een wijs besluit is van deze Islamitische partijen zal het vervolg van dit artikel onderzoeken.

De standaard argumenten voor toerisme

De argumenten de gewoonlijk gebruikt worden om toerisme te promoten zijn de volgenden.

Ten eerste, toeristen geven geld uit in het land dat zij bezoeken, ondermeer aan huisvesting (hotels, appartementen), eten en drinken, amusement, souvenirs en transport. Deze uitgaven door toeristen zijn inkomen voor de mensen bij wie deze uitgaven gedaan worden, zoals bijvoorbeeld hoteliers en de eigenaren van restaurants, supermarkten en de kleine middenstand in de toeristische plaatsen.

Ten tweede, het is welbekend dat op de meeste toeristische plaatsen de hotels, restaurants, supermarkten en kleine middenstand bestaan bij de gratie van het toerisme. Als er niet ieder jaar grote aantalen toeristen naar deze plaatsen zouden komen, dan zouden deze bedrijven en bedrijfjes niet genoeg klanten hebben om winst te kunnen maken en dus niet kunnen bestaan. Op deze plaatsen zorgt toerisme dus voor economische bedrijvigheid die er anders niet zou zijn. Toerisme zorgt zo voor werkgelegenheid, omdat de hotels, restaurants, supermarkten en kleine middenstand die de toeristen bedienen arbeiders nodig hebben. En hierdoor helpt toerisme de ganse economie van een land, omdat de degenen die de winsten uit toerisme ontvangen, of het inkomen uit arbeid dat resulteert uit toerisme, dit besteden aan dingen zoals de aankoop van huizen, auto’s, voeding, onderwijs, ziekenzorg, et cetera.

En ten derde, toerisme zorgt ook voor inkomen voor de staat. Een deel van wat de toeristen uitgeven gaat namelijk niet naar de eigenaren van de hotels, restaurants, supermarkten en de kleine middenstanders, maar naar de staat. Dit is omdat de dingen waar de toeristen hun geld aan uitgeven meestal belast zijn, zoals de toeristenbelasting op hotelkamers; de accijnzen en heffingen op alcohol, sigaretten en benzine; en natuurlijk door de Belasting op Toegevoegde Waarde die ook van toeristen gevraagd wordt (en die maar weinig toeristen terugvragen van de regering van het land dat zij bezocht hebben, ook als de wet hun dit recht geeft).

De vaak vergeten invloed van toerisme op een economie

De mensen die toerisme promoten zien meestal een aantal belangrijke zaken over het hoofd wanneer zij de invloed van toerisme op de economie bespreken.

Bijvoorbeeld concentreert men zich gewoonlijk op wat de toeristen uitgeven in het land dat zij bezoeken. Maar, niet alles dat de toeristen in een land uitgeven helpt de economie van dat land. Als, namelijk, de toeristen dingen kopen die niet in het land dat zij bezoeken gemaakt wordt, oftewel als zij dingen kopen die het land dat zij bezoeken moet importeren uit andere landen, dan verlaat het grootste deel van dit geld dat de toeristen uitgeven het land dat zij bezoeken weer. Ter illustratie, als de toeristen dingen uit hun eigen land willen eten, dan moet het land dat zij bezoeken dit kopen in het land waar de toeristen vandaan komen. De uitgave door de toeristen aan dit eten komt dus uiteindelijk terecht in handen van bedrijven in het land waar de toeristen vandaan komen.

Men gaat ook geregeld voorbij aan de kosten die toerisme met zich meebrengt, zoals de kosten van de aanleg van infrastructuur voor de toeristen zoals vliegvelden, wegen, electricteit- en watervoorzieningen, et cetera. De staat is gewoonlijk verantwoordelijk voor deze uitgaven. Er wordt meestal niet gekeken of de extra opbrengsten van de staat uit het toerisme wel voldoende zijn om deze extra investeringen te bekostigen.

Een verder probleem van toerisme is dat de opbrengsten ervan verdeeld worden over een beperkt aantal mensen in een beperkt gebied, terwijl het toerisme economische gevolgen heeft die deze mensen en dit gebied te buiten gaan. De bouw van de infrastructuur voor het toerisme zorgt er bijvoorbeeld voor dat de prijs voor zaken zoals cement, staal, baksteen en gekwalificeerde arbeid voor bouwprojecten omhoog gaat. Ook mensen die niets met het toerisme te maken hebben voelen de effecten hiervan, bijvoorbeeld als ze een huis, kantoor of fabriek willen bouwen.

Het resultaat van dit alles is dat de voordelen van toerisme voor een economie meestal worden overschat, omdat de negatieve gevolgen van toerisme voor de economie en de meeste mensen in de economie gewoonlijk genegeerd worden. En voor de voordelen die toerisme wel realiseert in een economie geldt dat een kleine selecte groep mensen het grootste deel hiervan ontvangt (de investeerders in en eigenaren van de toeristen complexen); dat een iets grotere groep mensen slechts een klein deel hiervan ontvangt (de kleine middenstanders en arbeiders in de toerisme industrie); terwijl de kosten van het toerisme verdeeld worden over al de mensen in het land, ook degenen die geen enkel voordeel halen uit het toerisme. Toerisme zorgt dus voor economische ongelijkheid en concentratie van rijkdom in de handen van slechts enkelen.

Een analyse van de invloed van toerisme op economische ontwikkeling

De belangrijkste kost van toerisme is de schade die het toebrengt aan de economische ontwikkeling van een land op de langere termijn.

Bij een economische beleid gebaseerd op toerisme wordt de economische ontwikkeling van een land afhankelijk gemaakt van de economische ontwikkeling van andere landen. Want als het in de andere landen goed gaat dan komen de toeristen en als het in de andere landen niet goed gaat dan komen de toeristen niet. Een land dat haar economische beleid op toerisme baseert kan zich dus enkel ontwikkelen in navolging van andere landen, oftewel bij de gratie van de ontwikkeling van andere landen.

Er is ook nog een tweede manier waarop economische beleid gebaseerd op toerisme een afhankelijk maakt van andere landen, en dus economische ontwikkeling tegenhoudt. Wanneer een land de middelen die haar ter beschikking staan zoals kapitaal, arbeid en kennis gebruikt voor toerisme, dan kan het deze middelen niet gebruiken om te produceren wat het land zelf nodig heeft. Een land dat haar economisch beleid baseert op toerisme zal dus veel van wat zij nodig heeft moeten kopen in andere landen. Dit vermindert niet alleen het voordeel van toerisme voor het land, want omdat er geen lokale industrie ontwikkeld wordt die kan produceren wat de toeristen nodig hebben moet een groot deel van hetgeen de toeristen uitgeven gebruikt worden om in het buitenland de benodigdheden voor toerisme te kopen. Het maakt het land ook afhankelijk van andere landen voor wat het nodig heeft aan bijvoorbeeld voedsel, technologie, industriele machines, en gebruiksgoederen. In de economische wetenschap wordt van deze afhankelijkheid geen probleem gemaakt. Zolang je door toerisme maar het inkomen genereert dat je nodig hebt om te kunnen kopen wat je wilt heb je geen probleem, zeggen economen steevast. De realiteit van de wereld laat echter duidelijk zien dat afhankelijkheid wel een groot probleem is voor een land. Als een land afhankelijk is van andere landen dan wordt het namelijk een slaaf van deze andere landen. Want om te kunnen overleven zal het afhankelijke land moeten doen en laten wat de andere landen willen. Als dus eenmaal afhankelijkheid tot stand is gebracht, dan zal het onafhankelijke land eisen van het afhankelijke land dat zij voorschriften en overeenkomsten accepteert die ervoor zorgen dat deze onafhankelijkheid in stand gehouden wordt en die voorkomen dat het afhankelijke land zich echt ontwikkelt, zoals de voorschriften en overeenkomsten van de Werelhandelsorganisatie (World Trade Organization, WTO) of de Verenige Naties.

De derde manier waarop een economische beleid gebaseerd op toerisme economische ontwikkeling tegenhoudt is door industrialisatie te voorkomen. Zonder industrie is het bijna onmogelijk om te innoveren, maar innovatie is de weg naar echte, duurzame economische ontwikkeling. [6] Dit is enerzijds omdat innovatie voor een groot deel resulteert uit praktische problemen. Hoe kunnen we goedkoper produceren? Hoe kunnen we meer produceren tegen een lagere prijs? Hoe kunnen we betere kwaliteit produceren tegen dezelfde prijs? Hoe kunnen we hetzelfde produceren zonder iets te hoeven importeren uit een ander land? Als er geen industrie is dan worden de mensen niet geconfronteerd met dergelijke praktische problemen die om een oplossing vragen en de menselijke creativiteit aansporen. Anderzijds maakt de afwezigheid van industrie innovatie onmogelijk omdat goede ideeën pas van waarde kunnen worden als ze in de praktijk uitgeprobeerd kunnen worden. Een land dat haar economie echt duurzaam wil ontwikkelen moet dus wel inzetten op industrialisatie. Want door industrialisatie ontwikkelt het land de mogelijkheid om zelf te produceren wat het nodig heeft, waardoor de afhankelijkheid van andere landen vermindert. En door industrialisatie komen banen beschikbaar voor de mensen. En door industrialisatie kan innovatie aangemoedigd worden, waardoor het land een competitief voordeel kan ontwikkelen ten opzichte van andere landen. In plaats van afhankelijk te zijn van andere landen kan het dus andere landen afhankelijk maken van haar. Een focus op toerisme maakt dit onmogelijk.

Conclusie

Het economisch beleid gebaseerd op toerisme is dus duidelijk kortzichtig. Het land dat haar economisch beleid baseert op toerisme geeft haar toekomst op in ruil voor een paar euro’s nu, want dit beleid maakt een land afhankelijk en maakt echte duurzame ontwikkeling van de economie onmogelijk. Het is derhalve niet verwonderlijk dat international organisaties zoals de Wereldbank, wier werkelijkheid is dat zij de belangen van de imperialistische westerse landen behartigen, toerisme promoten in de Derde Wereldlanden. [7]

Dat de Islamitische politieke partijen de Moslim Broederschap in Egypte en An Nahda in Tunesië desalniettemin dit beleid hanteren, net zoals hun tirannieke voorgangers, toont aan wat hun fundamentele probleem is. Dit probleem is dat zij geen eigen visie hebben over hoe de situatie in de moslim landen moet zijn.

Ten gevolge hiervan weten zij niets anders te doen dan het voorbeeld van hun tirannieke voorgangers volgen, met hier en daar een paar kleine aanpassingen waardoor zij hopen de situatie van de mensen te kunnen verbeteren. Maar zij vergeten dat de tirannieke heersers die voor hen regeerden en die enkel en alleen het economische beleid ten uitvoer brachten dat hen voorgeschreven werd door de imperialistische westerse landen om de moslim landen arm, afhankelijk en onderdanig tegenover het westen te houden. Dit is de essentie van het beleid van hun tirannieke voorgangers en een paar kleine aanpassingen zal de essentie van dit beleid natuurlijk niet veranderen. Oftewel, ook met een paar kleine aanpassingen zal dit beleid ten doel houden om de moslim landen arm, afhankelijk en onderdanig tegenover het westen te houden.

Als de moslims van Egypte en Tunesië echte verandering en verbetering willen zien, dat zullen zij zich moeten vereneigen in de Islamitische Staat Al Khilafa, de staat wiens visie niet gebaseerd is op de voorschriften van de imperialistische westerse landen maar enkel en alleen de voorschriften van Islam.
[1] www.indexmundi.com/maldives/economy_profile.html

[2] www.sis.gov.eg/en/story.aspx?sid=1042

[3] http://en.wikipedia.org/wiki/Tourism_in_Tunisia

[4] www.theage.com.au/travel/travel-news/islamists-wont-mess-with-bikinis-and-alcohol-tourism-minister-20120919-265mt.html

[5] http://worldnews.nbcnews.com/_news/2012/04/16/11225867-tunisia-still-wants-sun-lovers-new-islamist-government-says?chromedomain=overheadbin

[6] www.time.com/time/nation/article/0,8599,2075226,00.html#ixzz1O80RiUjo

[7] http://blogs.worldbank.org/psd/should-we-be-promoting-tourism-sector-investment

Comments

comments

DELEN