Sinds de “baanbrekende” filmdocumentaire An Inconveniant Truth, gepresenteerd door voormalig vicepresident van de Verenigde Staten Al Gore, hebben we in het voorbij decennium vele (milieu)activisten, wetenschappers, opiniemakers en allerlei andere individuen en organisaties een duidelijke boodschap horen overbrengen: we moeten als mensheid een andere (ecologische) koers varen om onze planeet te behoeden voor catastrofale natuur – en milieurampen vanwege de klimaatopwarming. De bestaande klimaatverdragen die dateerden voor deze periode waren allerminst voldoende om de gewenste milieunormen te realiseren. Hoewel er vanuit de internationale politiek soortgelijke geluiden te horen zijn, zijn er net zoveel klimaatsceptici die deze natuurbedreigingen relativeren, minimalieren of zelfs ontkennen. Maar bovenal weten de hoogste beleidsmakers die deze crisis wél erkennen, simpelweg niet hoe (d.w.z. met een alomvattende blik) om te gaan met dit globale probleem. Hoe komt dit echter en waarom brengt dit debat rond het klimaatprobleem zo veel polarisatie teweeg? Het decennium is ondertussen voorbij en we zijn aanbeland in 2020, maar nog steeds lijkt er geen duidelijkheid te worden verschaft omtrent de ernst van de situatie. Wat zal de toekomst brengen in de huidige gang van zaken en hoe dienen wij nu tegen deze vitale kwestie aan te kijken?

Allereerst is het van belang om een alomvattende blik te werpen op deze materie. Dit betekent een complete analyse vertrekkende vanuit de historische en intellectuele basis die ten grondslag ligt aan de hedendaagse (economische) wereldorde: de westerse Verlichting met haar ideeën over het leven, de mens en het universum. Sinds haar renaissance, heeft het Westen een specifieke manier van leven ontwikkeld gebaseerd op het kapitalisme met haar seculier-liberale gedachtegoed.  Het centrale vrijheidsidee ging gepaard met de welbekende notie (lees: façade) “eigenbelang komt ten goede van het algemeen belang” en was met name bepalend in de economische sferen. Het individuele belang en de persoonlijke bevrediging van de (verondersteld eindeloze) materiële behoeften werden zodus aanzien als belangrijkste doel in het leven van de mens. Met andere woorden: volgens het kapitalisme zou (eindeloze) massaconsumptie leiden tot meer geluk en zou massaproductie bijgevolg leiden tot die beoogde massaconsumptie. Om dit te realiseren moest er dus op een grotere schaal worden geproduceerd om het aanbod te vergroten, teneinde deze eindeloze materiële behoeften te bevredigen. Zodoende kwam de industriële revolutie tot stand volgens deze kapitalistische criteria, met alle gevolgen van dien.

De oorzaken van de klimaatcrisis

Om meteen tot de kern van de zaak te komen, alvorens dit verder in detail te analyseren: het kapitalistische gedachtegoed is vanuit haar pure essentie verantwoordelijk voor de huidige klimaatcrisis en milieuproblemen.

In de eerste plaats is haar seculiere credo, dat het beperkte menselijke verstand tot wetgever maakt, funest voor de juiste doelbepaling en ordening in het leven. Kan de subjectieve en imperfecte mens immers een objectieve, feilloze leidraad bieden om te bepalen wat het levensdoel is en wat (economisch) goed en slecht is; wat juist en fout is? Voorts hanteert het kapitalisme een onjuiste benadering van het economisch probleem door te stellen dat er een schaarste van grondstoffen heerst tegenover oneindige consumptiebehoeften. Hiermee wordt er aangemoedigd tot oneindige massaproductie, terwijl dit volstrekt onnodig is en zelfs leidt tot verspilling in een reeds bestaande context van onrechtvaardige welvaartsverdeling. Dit laatste is dan weer het gevolg van de eerder genoemde notie omtrent eigenbelang, dat geen rekening houdt met een rechtvaardige verdeling. Tot slot zijn de kapitalistische maatstaven zoals profijt en compromisvorming net zo funest als haar credo, aangezien deze tevens subjectief en veranderlijk zijn. Kan er dan op basis hiervan een duurzaam natuurbeleid, met in acht name van het algemene belang, tot stand komen? Is er überhaupt ruimte voor milieu-ethiek volgens de kapitalistische denkwijze met haar ideeën van massaproductie en winstbejag? De realiteit toont aan dat de kapitalistische economische visie slechts draait om het eindeloos genereren van materiële waarden en winstverhogingen, ongeacht de gevolgen hiervan op de samenleving en de natuur. Kortom, profijt en winst prevaleren boven ethiek en natuur.

Vanuit deze bovenstaande omkadering kunnen we dieper ingaan op de actuele klimaatcrisis zelf. Concreet vindt er sinds de industriële revolutie een massale uitstoot van CO² gassen plaats. Door de extractie van grondstoffen is er echter ook een massale ontbossing gaande en dus minder opvang van deze CO² gassen. Hierdoor is er een gat ontstaan in de ozonlaag, wat ervoor zorgde dat zonnestralen werden weerspiegeld. Door dit gat in de ozonlaag kent de aarde thans een opwarming van het klimaat. Het ijs aan de Noord – en Zuidpool is daardoor beginnen smelten, wat op haar beurt een stijging van de zeespiegel heeft veroorzaakt en verdere veranderingen in het klimaat. De bredere gevolgen hiervan kunnen desastreus zijn aangezien de opwarming van de aarde kan resulteren tot crisissen in allerlei gebieden waar gekampt zou kunnen worden met een stijging van de zeespiegel, ernstige watertekorten, een stijging van voedselprijzen, economische recessies  en dergelijke meer.

De industriële revolutie draagt dus de grootste verantwoordelijkheid in deze milieuproblematiek.
Het Westen als vaandeldrager van het kapitalisme en deze industriële revolutie, en nog steeds de leider in dit veld, heeft met haar intellectueel kader de mensen gecultiveerd tot persoonlijkheden zonder spiritualiteit en Godsbewustzijn.  De mens is veeleer gereduceerd tot een materieel wezen die ongecontroleerd spendeert, met als levensdoel de maximale bevrediging van individuele behoeften op basis van materiële maatstaven van individuele profijt. Zo zien we op microschaal mensen die goederen en diensten aankopen zonder rekening te houden met de impact ervan en deze goederen net zo goed weggooien omdat het uit de mode is, geen rekening houdend met het resultaat van overbodige consumptie. En op macroschaal wordt economisch succes geassocieerd met zoveel mogelijk groei in productie, consumptie en materiële winsten, zonder rekening te houden met de impact hiervan op de mens, dieren en het klimaat.

Hoe het kapitalisme omgaat met deze crisis

Sinds het begin van de imperiale politiek door het kapitalistische westen, hebben haar grootmachten hun globale dominantie geconsolideerd door middel van een repressief beleid ten aanzien van andere naties en gedachten. De befaamde massaproductie, die feitelijk telkens tot een overproductie verwordt, veroorzaakte de nood tot nieuwe afzetmogelijkheden en deze opportuniteiten waren intercontinentaal aanwezig. De westerse staten, die primair de grote bedrijven en elitegroepen dienen, zijn hierbij altijd zeer agressief en roekeloos te werk gegaan evenals de bedrijven zelf. Maar binnen het klimaatdebat wordt de focus nooit hierop gelegd, integendeel: het gevoerde debat rond de klimaatproblematiek en het reduceren van CO² uitstootgassen, wordt ernstig beperkt zonder de onderliggende en werkelijke oorzaken aan te grijpen. De belangen van de elites prevaleren op milieu en ethiek en aangezien diverse onderzoekscentra gefinancierd zijn door bedrijven, staan andere (meer onafhankelijke) wetenschappelijke onderzoeken hierover zelf ter discussie. Dit is precies de reden waarom er nog onenigheid bestaat over deze kwestie van de klimaatopwarming, van gematigde klimaatsceptici tot resolute ontkenners. In feite kan men stellen dat de kapitalistische machthebbers “subtiel” aansturen tot een status quo handhaving inzake het klimaatprobleem.

Desalniettemin hebben de kapitalistische naties een onderling akkoord om toch een bepaald kunstmatig evenwicht te behouden tussen enerzijds de beoogde levensstandaard met de noodzaak om natuurlijke rijkdommen te hebben en anderzijds het klimaat. Dit heeft in de loop der jaren geresulteerd in enkele opportunistische tussenoplossingen:

Eén van de meer bekendere verdragen was het Kyoto Protocol (1997-2012). Dit protocol werkte feitelijk volgens de kenmerkende kapitalistische marktwerking, namelijk de vraag en aanbod van CO² uitstoot. Er was met andere woorden een kost op de uitstoot. In eerste instantie dienden alle industrielanden hun totale uitstoot te rapporteren met als doel de uitstoot van broeikasgassen te verminderen. Overheden legden hierbij quota op van CO² uitstoot aan bedrijven. Het overschrijden van deze quote ging dan gepaard met zware belastingen (wat het probleem op zich niet oplost). Maar het frappante is dat bedrijven die minder uitstootten dan de opgelegde quota, dit verschil konden verkopen op de internationale markt. CO² uitstoot verwerd dus tot een recht en een geprivatiseerd, verhandelbaar goed op basis van vraag en aanbod.  Het Kyoto Protocol, dat erop vertrouwde dat de economische markt het klimaatprobleem kon oplossen, heeft uiteindelijk allerminst geresulteerd in een vermindering van CO² uitstoot. Zelfs indien bedrijven investeren in nieuwe technologieën om minder uit te stoten, zal de totale uitstoot niet dalen. Immers, hun overschot op het recht om uit te stoten wordt dan simpelweg doorverkocht waardoor anderen vervuilen in hun plaats.

Met het CDM (Clean Development Mechanisms) werd dan een nieuw mechanisme in het leven geroepen. Westerse bedrijven investeren hierbij in projecten in ontwikkelingslanden om de CO² uitstoot in die landen te verminderen. Net daarom krijgen ze echter het recht om CO² quota’s te verhogen en doordat de bedrijven in ontwikkelingslanden minder vervuilen, nemen de westerse bedrijven het verschil over en hebben ze in feite het recht om meer te vervuilen. Het CDM is dus niets minder dan de creatie van een vicieuze cirkel. Daarnaast zijn deze CDM projecten vaak getroffen door corruptie, fraude en weinig transparantie. Het aanpakken van grote milieubedreigingen is derhalve niet aan de orde. De houding van het Westen zorgt er in werkelijkheid slechts voor dat ze haar dominantie behoudt door het instellen van beperkingen op ontwikkelingslanden. Landen die sinds kort geïndustrialiseerd zijn worden immers onderworpen aan dezelfde eisen als de westerse industrielanden, waardoor hun industrie en economische groei getroffen wordt. Deze landen kennen echter nog geen grote industrialisering, terwijl de bouw van industriegebouwen en bedrijven een toename van CO² uitstoot met zich meebrengen. Doordat deze landen deel uitmaken van het akkoord, worden ze bijgevolg in hun ontwikkeling en groei beperkt door de dominantie van het Westen. Deze belemmeringen leiden ertoe dat ze gedwongen worden om de CDM projecten aan te nemen en om hun quota’s te verkopen aan de industrielanden waardoor deze laatsten nog meer CO² kunnen uitstoten.

Op basis van al het bovenstaande kunnen we vaststellen dat het kapitalistische Westen niet intendeert de klimaatcrisis tegen te gaan, maar er enkel op uit is om haar globale economische macht te consolideren ten koste van alles en iedereen. De oplossing voor het klimaatprobleem dient dan ook niet gezocht te worden bij het kapitalisme.

De oplossing volgens de islam

Terwijl het kapitalisme bereid is om economische groei te realiseren ongeacht de gevolgen, ten faveure van slechts een kleine elite bovendien, hanteert de islam een fundamenteel andere kijk op deze kwestie. Ter verduidelijking allereerst: de islam stelt geen bezwaren tegen productie, technologische ontwikkelingen of exploitatie van natuurlijke rijkdommen ten voordele voor de mensheid. De islam verbiedt echter wel brutale geweld tegen de mens, dieren en de natuur. En dit is wat het kapitalisme niet voor ogen lijkt te (willen) zien: dat economische groei geen natuur – en milieuschade vereist. Het is daarom dat de dominantie van het kapitalistische systeem door het Westen resulteert in armoede, uitbuitingen, dictaturen,  agressies, economische crisissen en dus ook klimaatcrisissen. De islam daarentegen streeft naar een stabiele, economische ontwikkeling met zorg voor het klimaat. De islamitische maatstaven om het goede van het slechte en de waarheid van valsheid te onderscheiden, zijn vaststaand. En haar oplossingen voor het leven zijn bovendien alomvattend van aard en staan niet onder invloed van omstandigheden en eigenbelang. Alle waarden worden aangepakt en gecoördineerd, zonder prioritering van het ene ten aanzien van het andere. De economie staat zodus niet voorop ten koste van mens en natuur. Deze balans tussen waarden kan niet bereikt worden door de mens zelf, omdat de mens niet los kan denken van zijn eigenbelangen en veeleer onderwerpen is aan variaties, discrepanties, contradicties en invloeden van buitenaf. Voorts is vanuit islamitisch oogpunt het economisch probleem niet zozeer de schaarste, maar eerder de distributie van rijkdom. De islam legt de focus dus niet op eindeloze massaproductie, maar op de bevrediging van elke individu. Vanuit islamitisch staatsperspectief gebeurt dit door de islamitische wetten toe te passen en te handhaven en daarbovenop individuen te ondersteunen die niet in staat zijn om voor hunzelf te zorgen.

De visie van de islam op het klimaat bestaat uit enkele basisprincipes in combinatie met zeer specifieke regels. In eerste instantie is de aarde met haar natuurlijke rijkdommen ter beschikking gesteld van de mensheid, maar dit vereist een behoud van het klimaat en een verbod op het verstoren van de natuurbalans. Hierover zijn er gedetailleerde richtlijnen omtrent natuurzorg, zoals het tegengaan van vervuiling en verspilling van water, het planten van bomen, het redden van dieren en nog meer. Van cruciaal belang is het strikte verbod op schadeberokkening aan de natuur. Het vervuilen van de natuur of een productieproces dat leidt tot vervuiling is dus verboden, ongeacht de kosten die er zijn om dit tegen te gaan. Verder is datgene wat leidt tot een verbod in haarzelf verboden en tevens is elke relatie met de natuur dat leidt tot iets dat verboden is of dat schade veroorzaakt aan de natuur eveneens verboden. Dit zijn principes die algemeen geldend zijn, ongeacht of er geen expliciete teksten zijn met verboden. Eveneens van essentieel belang is dat economische belangen niet in de weegschaal worden genomen om een Goddelijk oordeel te bepalen. Tot slot vallen publieke eigendommen onder het beheer en de controle van de staat en mag dit geen enkele schade berokkenen, de gemeenschap moet dus gevrijwaard zijn van elke vorm van schade. De islam spreekt zich uit over eigendom en de manier van toe-eigening zonder zich uit te spreken over het volume want het probleem ligt namelijk bij de manier van eigendomsvergaring. Dit staat in contrast met de zogenaamde quota-oplossing die het Klimaatakkoord voortbracht.

Ondertussen is de reikwijdte van het klimaatprobleem globaal waardoor de oplossing hiervoor eveneens globaal gericht dient te zijn. Zoals reeds eerder gesteld hebben de westerse kapitalistische naties niet de intentie om het klimaatprobleem écht op te lossen. Alleen al het feit dat de Verenigde Staten als grootste kapitalistische wereldmacht ontbrak bij het laatste Klimaatakkoord (net zoals de andere grootmachten China en Rusland), is veelzeggend over de serieusheid om deze crisis aan te pakken. Om het klimaatprobleem werkelijk op te lossen dient er dan ook een besef te zijn dat het kapitalisme als ideologie en denkwijze de primaire oorzaak is voor deze milieucrisissen – en bedreigingen. De kapitalistische landen en de kleine elites die ze dienen weigeren simpelweg hun verantwoordelijkheid op te nemen en kiezen ervoor hun belangen van economische groei sterker door te laten wegen op de rest van de mensheid, ongeacht de nadelen en schadelijke gevolgen. Om dit probleem alomvattend, definitief en globaal op te lossen is het absoluut vereist en noodzakelijk dat de kapitalistische ideologie verworpen wordt en dat de islamitische staatsvorm gevestigd wordt. Dit opdat de islamitische oplossingen voor het (economische) leven de veroorzaakte problemen kunnen rechtzetten en verder vermijden in de toekomst. En opdat er een samenleving gebouwd wordt waar de mensheid gelijkwaardigheid kent in plaats van een agressieve dominantie door een kleine elite te ondergaan. Dan zal het voorts aan de moslimgemeenschap zijn om een innovatieve weg in te slaan door te industrialiseren met nieuwe technologieën die weinig invloed hebben op het klimaat en om tevens collectief te waken over de handhaving van de milieubescherming.

Referenties

https://nl.wikipedia.org/wiki/An_Inconvenient_Truth

https://www.klimaat.be/nl-be/klimaatbeleid/internationaal-klimaatbeleid/vn-klimaatverdrag/

John A. Hobson (1902). Imperialism, A Study: Chapter I.VI

(Quotes ter omkadering voor gedrukte versie)

De industriële revolutie draagt dus de grootste verantwoordelijkheid in deze milieuproblematiek.
Het Westen als vaandeldrager van het kapitalisme en deze industriële revolutie, en nog steeds de leider in dit veld, heeft met haar intellectueel kader de mensen gecultiveerd tot persoonlijkheden zonder spiritualiteit en Godsbewustzijn.  De mens is veeleer gereduceerd tot een materieel wezen die ongecontroleerd spendeert, met als levensdoel de maximale bevrediging van individuele behoeften op basis van materiële maatstaven van individuele profijt.
De islam daarentegen streeft naar een stabiele, economische ontwikkeling met zorg voor het klimaat. De islamitische maatstaven om het goede van het slechte en de waarheid van valsheid te onderscheiden, zijn vaststaand. En haar oplossingen voor het leven zijn bovendien alomvattend van aard en staan niet onder invloed van omstandigheden en eigenbelang. Alle waarden worden aangepakt en gecoördineerd, zonder prioritering van het ene ten aanzien van het andere. De economie staat zodus niet voorop ten koste van mens en natuur. Deze balans tussen waarden kan niet bereikt worden door de mens zelf, omdat de mens niet los kan denken van zijn eigenbelangen en veeleer onderwerpen is aan variaties, discrepanties, contradicties en invloeden van buitenaf.

Comments

comments

DELEN