Over de rol van het verstand in Islam bestaan vele misconcepties. Men kan zeggen dat in de westerse wereld Islam wordt geassocieerd met een afwezigheid van verstand – of in ieder geval met de afwezigheid van de benutting van de mogelijkheden van het verstand. Zo is het niet langer opmerkelijk wanneer men iemand Islam hoort karakteriseren alszijnde een “achterlijke” cultuur, of als “barbaars”. Over de moslim wordt gezegd “je volgt gewoon maar wat in dat boek staat”, of, en dit geldt natuurlijk vooral voor die mensen die zich pas op latere leeftijd tot Islam wenden, “je bent gek geworden”.

Natuurlijk is dit niet correct. Het menselijke verstand speelt in Islam een hele belangrijke rol. Maar, in Islam speelt het verstand een andere rol dan in de westerse beschaving. Wat de rol van het verstand in Islam precies is, wordt in het nu volgende uitgelegegd.

Islam eert het menselijke verstand

Allah (swt) zegt:

“En voorzeker, Wij hebben de kinderen van Adam geëerd” (Zie de vertaling van de betekenissen van de Koran, soera Al Israa 17, vers 70)

Allah (swt) verwijst hiermee naar het verstand van de mens. Immers, het verstand, de mogelijkheid tot oordelen, is wat alle mensen delen en wat de mens tot anders maakt dan al de andere levende wezens. Op basis van enkel dit vers kan men dus reeds concluderen dat het verstand een belangrijke positie inneemt in Islam.

Het menselijke verstand en geloof in Allah (swt)

Betreffende de rol van dit geëerde verstand in Islam, het basisidee van Islam stelt dat Allah (swt) de schepper van de hemel en de aarde is en dat Profeet Mohammed (saw) een boodschapper van Allah (swt) was. Dit idee is de overtuiging die al de moslims delen en het is de overtuiging die een mens tot moslim maakt. De Koran trekt de aandacht van de mensen naar de feiten die in bewijzen dat Allah bestaat. Naar de sporen achtergelaten door Allah (swt), met andere woorden. Allah (swt) zegt bijvoorbeeld:

“Voorwaar, in de schepping der hemelen en der aarde en in de wisseling van nacht en dag en in de schepen die de zee bevaren, met datgene wat de mensen tot voordeel strekt; en in het water dat Allah van de hemel nederzendt, waarmede Hij de aarde doet herleven na haar dood en daarop alle soorten dieren verspreidt, en in de verandering der winden, en in de wolken die tussen de hemel en de aarde in dienst zijn gesteld, zijn inderdaad tekenen voor een volk, dat begrijpt.” (Zie de vertaling van de betekenissen van de Koran, soera Al Baqara 2, vers 164)

En:

“Er zijn voorzeker in de schepping der hemelen en der aarde en in de wisseling van dag en nacht tekenen voor mensen van verstand.” (Zie de vertaling van de betekenissen van de Koran, soera Al Imraan 3, vers 190)

En:

“Hij geeft de aarde leven na haar dood, en evenzo zult gij worden voortgebracht. En tot Zijn tekenen behoort, dat Hij u uit stof schiep; en ziet! gij zijt mensen die zich kunnen verspreiden. En dit is onder Zijn tekenen, dat Hij uit uw midden echtgenoten voor u schiep, opdat gij er rust in moogt vinden, en Hij heeft liefde en tederheid onder u geplaatst. Daarin zijn zeker tekenen voor een volk, dat nadenkt. En tot Zijn tekenen behoort ook de schepping der hemelen en der aarde, en de verscheidenheid van uw talen en (huids) – kleuren. En dit zijn voorzeker tekenen voor degenen, die willen begrijpen. En tot Zijn tekenen behoort uw slapen ‘s nachts en uw zoeken naar Zijn overvloed overdag. Daarin zijn zeker tekenen voor een volk, dat luistert. En tot Zijn tekenen behoort eveneens dat Hij u de bliksem toont als vrees en hoop. En dat Hij water uit de hemel nederzendt waarmede hij de aarde doet herleven na haar dood. Hierin zijn zeker tekenen voor een volk, dat wil begrijpen. En dit is onder Zijn tekenen, dat de hemelen en de aarde in stand blijven door Zijn gebod. Dan, wanneer Hij u eenmaal van de aarde zal roepen, ziet! zult gij gaan.” (Zie de vertaling van de betekenissen van de Koran, soera Ar Roem 30, vers 19 – 25)

En:

“Zien zij niet naar de wolken, hoe zij gevormd worden? En naar de hemel, hoe deze hoog verheven werd? En naar de bergen, hoe zij opgericht werden? En naar de aarde, hoe zij uitgespreid werd?” (Zie de vertaling van de betekenissen van de Koran, soera Al Ghaasjiya 88, vers 17 – 20)

Allah (swt) roept de mensen dus op om hun geëerde verstand te gebruiken en na te denken over hetgeen zij waar kunnen nemen. En om hen hierbij te helpen wijst Hij (swt) naar voorbeelden die bewijzen dat Zijn (swt) bestaan vereist is. Voorbeelden die duidelijk maken dat alles dat waargenomen kan worden afhankelijk is en beperkt in zowel tijd als volume; ieder waarvan dus bewijst dat Allah (swt) wel moet bestaan. Deze oproep het universum diep te doordenken, om te leren over de wetten waarmee zij geconfronteerd wordt en om deze te leren begrijpen, om zo geleid te worden tot geloof in haar schepper, wordt tientallen keren herhaald in de Koran. In verschillende soera, die zich allen richten tot de verstandelijke capaciteit van de mens, wordt deze mens uitgenodigd diep na te denken zodat zijn geloof gebaseerd kan worden op de rede en eenduidig bewijs. Dus de eerste rol die Islam het verstand heeft gegeven is het bewijzen van het bestaan van Allah (swt).

Het menselijke verstand en geloof in Profeet Mohammed (saw)

Betreffende het tweede fundamentele idee van Islam dat Profeet Mohammed (saw) een boodschapper van Allah (swt) was, Allah (swt) zegt:

“Het is een Schrift die Wij tot u hebben nedergezonden een gezegende opdat zij de tekenen daarvan overdenken en opdat de lieden van verstand zich laten manen.” (Zie de vertaling van de betekenissen van de Koran, soera Sad 38, vers 29)

Allah (swt) roept de mensen dus op om de eigenschappen van de Koran, hetgeen Mohammed (saw) mee gekomen is, te overdenken. Nu, het is welbekend dat de Koran een Arabisch boek is, overgeleverd door Mohammed (saw). Dit betekent dat het boek ofwel van de Arabieren afkomstig is, ofwel van Mohammed (saw), ofwel van Allah (swt). Iets anders buiten deze drie is niet mogelijk omdat het boek Arabisch in taal en stijl is. Allah (swt) zegt:

“Zeggen zij: ‘Hij heeft dit (de Koran) verzonnen?’ Antwoord: ‘Breng dan tien dergelijke verzonnen hoofdstukken voort en roept buiten Allah wie gij kunt, als gij waarachtig zijt’. En indien zij uw (uitdaging) niet aannemen, weet dan, dat het met Allah’s kennis is geopenbaard en dat er geen God is behalve Hij.” (Zie de vertaling van de betekenissen van de Koran, soera Hoed 11, vers 13 – 14)

En Hij (swt) zegt:

“Of zeggen zij: ‘Hij (de profeet) heeft het verzonnen’? Zeg: ‘Brengt dan een hieraan gelijke Soera voort en roept buiten Allah wie gij kunt (om hulp aan), als gij waarachtig zijt’.” (Zie de vertaling van de betekenissen van de Koran, soera Joenoes 10, vers 38)

De mensen tot wie Mohammed (saw) zich richtte in Mekka hebben nooit beweerd dat de Koran afkomstig was van Mohammed (saw) zelf. De mensen kenden hem (saw) en zijn (saw) manier van spreken. En tussen de Koran en zijn (saw) manier van omgaan met de Arabische taal was een duidelijk verschil. Vandaag de dag beschikken we over ahadieth moetawaatir, overleveringen van de woorden van Profeet Mohammed (saw) wier authenticiteit boven alle twijfel verheven is. Mocht men deze ahadieth vergelijken met de verzen van de Koran dan mist men iedere gelijkheid tussen deze voor wat betreft stijl. Profeet Mohammed (saw) was gewoon het geopenbaard vers te bekend te maken en tegelijkertijd werden ahadieth van hem (saw) verzameld. Desalniettemin is er verschil tussen beide in stijl. Omdat er dus geen overeenkomsten zijn voor wat betreft stijl tussen deze ahadieth van Profeet Mohammed (saw) en de verzen van de Koran is het zeker dat de Koran niet het woord van Profeet Mohammed (saw) is.

In reactie op de uitdaging waarvoor Allah (swt) de mensen stelt, “Brengt dan een hieraan gelijke Soera voort”, hebben de Arabieren, zelf uiterst begiftigd met de Arabische taal, geprobeerd een gelijke eraan voort te brengen. Tot op de dag van vandaag is er niemand geweest die iets vergelijkbaar aan de Koran heeft weten te produceren.

Ten tijde van Profeet Mohammed (saw) besloten de Arabieren daarom om te zeggen dat Profeet Mohammed (saw) de Koran gekregen had van een christelijke jongen genaamd Jabr. Ze konden zelf niets iets zoals de Koran voortbrengen maar ze wilden niet erkennen dat de Koran van Allah (swt) afkomstig is, dus besloten ze in wanhoop te verklaren dat de Koran afkomstig was van iemand die niet een Arabier was maar een christen uit het gebied van Syrië. Allah (swt) zelf maakt hen duidelijk hoe belachelijk dit idee is en Hij (swt) zegt:

“En Wij weten inderdaad dat zij zeggen dat het slechts een man is, die hem (de profeet) onderwijst. De taal van hem die zij bedoelen is vreemd, terwijl dit de duidelijke Arabische taal is.” (Zie de vertaling van de betekenissen van de Koran, soera An Nahl 16, vers 103)

De tweede rol die Islam het verstand heeft gegeven is het bewijzen van het profeetschap van Mohammed (saw). Islam roept de mensen op om hun verstand te gebruiken en te oordelen over de Koran – is deze van Allah (swt), of van Mohammed (saw) of van iemand anders? Het bewijs dat Profeet Mohammed (saw) inderdaad een boodschapper van Allah (swt) is, is het feit dat de Koran niet van hem (saw) of van een ander mens afkomstig kan zijn. En enkel profeten komen met de boodschap van Allah (swt).

De rol van het verstand in het geloof

De rol van het verstand in Islam is anders dan de rol van het verstand in het onderzoek naar Islam. Het leven als moslim staat in het teken van de zoektocht naar het welbehagen van Allah (swt). En dus zoekt de moslim naar de dingen die het welbehagen van Allah (swt) zullen doen resulteren.

Om hierover te kunnen oordelen dient men te beschikken over kennis betreffende de eigenschappen van Allah (swt). Want zonder deze kennis kan men niet bepalen wat Hem (swt) tevreden zou stellen en wat niet. Dit is een probleem omdat de mens Allah (swt) niet kan waarnemen. Het menselijke verstand kan dus geen oordeel vormen over de eigenschappen van Allah (swt).

Maar Allah (swt) zegt:

“Het oordeel komt alleen Allah toe. Hij beveelt dat jullie alleen Hem dienen. Dat is de juiste godsdienst, maar de meeste mensen weten het niet.” (Zie de vertaling van de betekenissen van de Koran, soera Joesoef 12, vers 40)

En Hij (swt) zegt:

“O, gij die gelooft, gehoorzaamt Allah en Zijn boodschapper en wendt u niet van hem af, terwijl gij hoort.” (Zie de vertaling van de betekenissen van de Koran, soera Al Anfaal 8, vers 20)

Allah (swt) maakt hiermee duidelijk dat wie Hem (swt) tevreden wil stellen moet doen wat Hij (swt) heeft geboden. Maar wat precies heeft Allah (swt) geboden? Allah (swt) zegt:

“Voorzeker, deze Koran voert tot datgene wat juist is. En geef aan gelovigen die goede werken verrichten de blijde tijding, dat zij een grote beloning zullen ontvangen.” (Zie de vertaling van de betekenissen van de Koran, soera Al Israa 17, vers 9)

Islam geeft het verstand dus geen rol in de bepaling van hetgeen het het welbehagen van Allah (swt) doet realiseren. De Koran is de boodschap van Allah (swt) en hierin maakt Allah (swt) duidelijk wat Zijn (swt) welbehagen doet realiseren. Of het menselijke verstand dit nu kan begrijpen of niet, de moslim moet de geboden van Islam volgen:

“Maar het kan zijn, dat gij tegenzin hebt in iets terwijl het goed voor u is en het kan zijn, dat u iets behaagt terwijl het slecht voor u is. Allah weet het en gij weet het niet.” (Zie de vertaling van de betekenissen van de Koran, soera Al Baqara 2, vers 216)

Na uitputtend gebruikt te zijn om het bestaan van Allah (swt) en het profeetschap van Profeet Mohammed (saw) te bewijzen, is de rol van het verstand in Islam dus tot het onderzoeken van de openbaringen van Allah (swt). Om de betekenis van deze openbaringen te achterhalen die Allah (swt) bedoeld heeft. Zodat de moslim deze betekenis praktisch ten uitvoer zal kunnen brengen in zijn dagelijkse leven.

Comments

comments

DELEN