Sinds woensdag mag de Deense politie boetes uitschrijven aan wie ‘gezichtsbedekkende kleding’ in het openbaar draagt, dat besloot de Deense regering. Het eerste incident vond vrijdag plaats in een shopping center.

Onze 28-jarige zuster werd in de shopping center aangevallen door een vrouw nadat ze weigerde haar niqab af te doen, daarna werd de politie bijgehaald. De agenten vertelden aan onze zuster dat ze dezer dagen een boete van 1.000 Deense Kronen (zo’n 134 euro) kon verwachten. Ter plaatse werd ze tevens verzocht om haar niqab toch af te doen of de shopping center te verlaten, onze zuster koos voor de tweede optie.

De Deense regering nam in mei de beslissing om de niqab en boerka te verbieden, maar eigen zeggen viseert het verbod niet enkel Moslima’s. Hun argument hiervoor is dat het om een algemene verbod op gezichtsbedekkende kleding gaat; zo zou ook een bivakmuts of een neppe baard verboden zijn op de Deense straten.

Woensdag, toen het verbod van kracht werd, hebben Moslims en niet-Moslims geprotesteerd tegen het verbod. In Kopenhagen waren honderden mensen met gezichtsbedekkende kleding op straat gekomen.

In Europa zijn er 9 landen waar een dergelijk verbod geldt. Zo had ook de Nederlandse Eerste Kamer, eind juni, ermee ingestemd om een niqabverbod uit te vaardigen in scholen, ziekenhuizen en het openbaar vervoer. In België hadden twee zusters in 2017 het verbod in dat land aangeklaagd bij het Europees Hof van de Rechten van de Mens. Het Hof oordeelde dat de ‘boerkaverbod’ niet in strijd was met de mensenrechten.

Het is niet moeilijk in te zien dat dit verbod enkel gericht is tegen onze zusters, in weerwil wat zij ook mogen beweren.

In zijn column betreffende het niqabverbod in Nederland, concludeerde Kamal Aboe Zaid het volgende:

“Dit verbod komt dus niet uit de lucht vallen, maar is onderdeel van het assimilatiebeleid dat we al jaren zien. Dit beleid spreekt van ‘verinnerlijken (van westerse waarden) en loslaten (van islamitische waarden). In de praktijk krijgt dit gestalte door het weren van zogenaamde ‘haatimams’, (…) een pleidooi voor een Europese variant van islam enz. Daarom dienen we als moslimgemeenschap een vooruitziende blik te hebben en bewust te zijn van de context waarin we leven en opereren, opdat we niet constant achter de feiten aanlopen. Vervolgens kunnen we ons eigen discours bepalen en belangrijke vraagstukken agenderen.”

Comments

comments

DELEN