De westerse visie op het leven is zo dominant in de media, het onderwijs en het dagelijks leven, dat veel moslims termen afkomstig uit de westerse visie op het leven zijn gaan gebruiken.

Misschien wel het beste voorbeeld hiervan is het woord “democratie”. Er zijn moslims die zeggen dat zij streven naar de implementatie van een Islamitische democratie in de moslimlanden. Omdat “democratie” bijna een synoniem geworden is van “regeren”. En als men dan tegen hen zegt dat democratie afkomstig is van een visie op het leven die anders is dan de Islamitische visie op het leven, en dus niet gebruikt mag worden door de moslims, dan zeggen zij: “Islam heeft sjoera (consultatie van het volk door de heerser) en democratie is bijna hetzelfde, daarom willen wij een Islamitische democratie!”.

De vraag die hierbij gesteld moet worden is, mag de moslim gebruik maken van termen en woorden die afkomstig zijn van een andere visie op het leven? Om een antwoord op deze vraag te kunnen vinden dient men zich te wenden tot het Licht van de Koran. Allah (swt) zegt: “O, gij die gelooft, zeg niet ‘Raainaa’, maar zeg ‘Ondhornaa’ en luister. Er is voor de ongelovigen een pijnlijke straf.” (VBK Al Baqara, 2:104)

Imaam al Qoertoebie zegt in zijn tafsier over dit vers: “De betekenis van het woord raaina is ‘kijk naar ons en wij zullen naar jou kijken’. Het kan ook betekenen ‘bescherm ons en wij beschermen jou’. Maar het gebruik van dit woord heeft een ruwe connotatie, dus waren moslims geboden om een beter woord te gebruiken.”

Ibn ‘Abbaas heeft gezegd: “De moslims waren gewoon om te zeggen tegen de Profeet (saw) ‘raaina’ in de zin van belangstelling en nieuwsgierigheid. In het Hebreeuws betekende het een vloek: ‘Luister, en laat jij (O Mohammed) niks horen’. Dus de Joden maakten hier gebruik van en zeiden: ‘Wij vervloekten hem heimelijk, nu zullen wij dat openlijk doen’. En zij gebruikten dit woord om de Profeet (saw) aan te spreken en lachten erom. (…) Dus is dit vers neergezonden om het gebruik van dit woord te verbieden en zodat de Joden de moslims niet meer kwaadschiks konden imiteren. Dit vers bevat bewijs voor twee verordeningen. De eerste is dat men dubbelzinnige uitdrukkingen, welke een minachtende betekenis dragen of leiden tot fouten, moet vermijden.”

Ibn Kathir heeft in zijn tafsier gezegd: “Allah verbood zijn gelovige dienaren om de daden en gedragingen van de ongelovigen te imiteren. Wanneer zij wilden zeggen ‘Luister’ dan gebruikten zij het woord raaina, wat diende als belediging in hun taal, maar in het Arabisch ‘Luister naar ons’ betekende.“

Deze tafsier laat zien dat als woorden een betekenis hebben die tegen Islam ingaan, zoals bij democratie het geval is omdat democratie “soevereiniteit voor het volk” betekent terwijl Islam zegt “soevereiniteit voor Allah”, het woord niet gebruikt mag worden door de moslims. Want dit kan leiden tot schadelijke zaken zoals verwarring onder de moslims over de wetgeving van Islam en verkeerde ideeën bij de moslims naar boven brengen.

Het is belangrijk om bij de bepaling van de betekenis van een woord, om te zien of deze betekenis tegen Islam ingaat of niet, niet te kijken naar de woordenboekbetekenis. Sjeich ‘Ata bin Khaliel zegt in zijn tafsier: “Wanneer wij zouden vragen naar de wetgeving omtrent het communisme of het socialisme, dan dienen wij niet te zoeken naar de taalkundige betekenis van het woord om dan het oordeel daarop te baseren. Integendeel, het goddelijk oordeel moet gebaseerd zijn op de terminologie zoals die bekend staat (onder haar aanhangers). Wij zien dan dat haar aanhangers het communisme hebben ingevuld als zijnde een credo wat het bestaan van een schepper ontkent. Daarnaast ziet zij de materie als eeuwig zonder einde en heeft vervolgens allerlei wetgeving hierop gebouwd. Zij gelooft in de evolutie van materie en ontkent het hebben van eigen bezit en kent totale gelijkwaardigheid in al haar zaken. Op basis van dit begrip oordelen wij dat het een systeem van koefr is gebaseerd op de goddelijke teksten die overeenkomen met de terminologie”.

Concluderend, de moslim moet al zijn ideeën en opvattingen halen uit het Boek van Allah (swt) en de Soenna van de Profeet (saw). Hierbij moeten we gebruik maken van de termen die Allah (swt) en Zijn Profeet (saw) gebruiken, en niet van termen die uit andere levensvisies dan Islam komen. Ook al lijkt de betekenis van de woorden die vreemd zijn aan Islam op de ideeën en opvattingen van Islam. Zo houdt men het begrip van Islam onder de moslims puur, zuiver en correct.

Comments

comments

DELEN